|
Handleiding
Dit stemapparaat is ontwikkeld voor het
stemmen van accordeons en soortgelijke ‘free-reed’ (doorslaande tongen) instrumenten
zoals de diatonische harmonica, de concertina, het bandoneon, het harmonium, de
melodica, het tongenorgel en de mondharmonica. Dirk’s stemapparaat is
ontwikkeld voor professionele ervaren stemmers, maar doordat het een goed
inzicht in het stemproces geeft is het ook voor beginnende stemmers zeer
geschikt.
De unieke mogelijkheden van dit stemapparaat
vereenvoudigen en versnellen het stemproces aanzienlijk. Het stemapparaat heeft
een groot bereik van de E0 tot en met de C9, een zeer hoge nauwkeurigheid van minder
dan 0.05 Hz (golven van langer dan 20 seconden) en kan tot drie tongen tegelijk
meten. Hierdoor kan de stemming van het accordeon gemeten worden zonder eerst
tongen uit te schakelen en de kast te openen. De werkelijke frequenties van de
tongen die door elkaar en door de kast worden beïnvloed, kunnen nu gemeten
worden. Het is zo een stuk eenvoudiger en sneller uit te zoeken welke tong
afwijkt en aandacht nodig heeft. Het stemapparaat meet de zwevingen die
ontstaan doordat de tongen samen klinken en geeft deze weer in Cent of Hertz. Zwevingen
kunnen niet nauwkeurig genoeg gemeten worden door de tongen afzonderlijk te
meten, maar door ze op deze manier tegelijk te meten is de meting wel
nauwkeurig genoeg. Zie hoofdstuk 27 voor uitleg over de nauwkeurigheid van het
stemapparaat. De gemeten zwevingen worden vergeleken met de zwevingstabel van
het desbetreffende accordeon die de gewenste zweving voor elke noot aangeeft.
Deze zwevingstabel kan snel en eenvoudig met behulp van een grafiek in het
stemapparaat aangemaakt worden.
Het stemapparaat kan worden uitgebreid met een
module die alle noten van het accordeon snel kan opnemen en opslaan om er
vervolgens een rapport van uit te draaien. Dit rapport geeft de afwijking van
elke tong in een overzichtelijke tabel. Na het openen van het accordeon kunnen
de tongen die te veel afwijken op de stemtafel worden gecorrigeerd met behulp
van de waardes uit het rapport. De tongen (die buiten de kast een afwijkende
frequentie hebben) zullen na terugplaatsen in het accordeon de juiste
frequentie krijgen. Het rapport kan achteraf opnieuw uitgedraaid worden en als
stemrapport bij het accordeon gevoegd worden.
Ook akkoorden (drie tongen) en octaven (twee
of drie tongen in verschillende octaven) kunnen door het stemapparaat gemeten
worden waardoor ook hiervoor de kast niet geopend hoeft te worden.
Naast de aangegeven basisfuncties bevat het
stemapparaat nog vele extra functies zoals:
-
het vergroten tot een volledig scherm voor een
duidelijk overzicht.
-
het scherm bevriezen om de getallen en grafieken
goed te kunnen onderzoeken.
-
noten met behulp van de geluidskaart laten horen.
-
automatisch of handmatig de te meten noten
selecteren.
-
automatische correctie van eventuele afwijkingen in
de nauwkeurigheid van de geluidskaart.
-
automatische onderdrukking van ongewenste
achtergrondgeluiden en storingen.
Het stemapparaat draait op een pc of laptop
met een Windows besturingssysteem en werkt zowel met ingebouwde als met extern
aangesloten microfoons.
Inhoudsopgave
1. Dirk’s stemapparaat voor accordeon. 2
2. De probeerversie. 4
3. Uitbreidingsmodules. 4
4. Een aantal belangrijke termen. 5
5. Installeren. 7
6. De-installeren. 11
7. Keuze en plaatsing van de microfoon. 13
8. Het eerste gebruik. 16
9. Stemmen. 18
10. Het ingangssignaal 23
11. De equalizer 23
12. De gedetecteerde noot 23
13. Het frequentiespectrum van de gedetecteerde noot 24
14. De afwijkingen van de tongen. 25
15. Handmatige selectie van de te stemmen noot 25
16. Langdurende noten meten. 26
17. Noten afspelen. 26
18. Transponeren. 26
19. De frequentie van de A4 instellen. 27
20. Akkoorden meten. 27
21. Octaven meten. 28
22. Instellingen. 30
23. Zwevingslijsten. 34
24. Accordeons stemmen. 41
25. Accordeons stemmen met de module voor opname en rapportage. 42
26. Ruisonderdrukking en gevoeligheid. 49
27. De nauwkeurigheid van het stemapparaat 50
28. Hertz en Cent 51
29. Zweving. 52
30. De gelijkzwevende stemming. 53
31. Overzicht van de schermen. 54
32. Overzicht van de knoppen. 55
33. Sneltoetsen en klikken. 56
34. Frequentietabel van de noten. 57
35. Systeemeisen. 60
De probeerversie is bedoeld om een goed idee
te krijgen van de mogelijkheden van het stemapparaat. Slechts een deel van de
noten uit de toonladder kunnen met deze versie gemeten worden. Het gaat om de
volgende noten: E0 F0 G#0 A0 C1 C#1 E1 F1 G#1 A1 C2 C#2 E2 F2 G#2 A2 C3 C#3 E3 F3 G#3 A3 C4 C#4 E4 F4 G#4
A4 C5 C#5 E5 F5 G#5 A5 C6 C#6 E6 F6 G#6 A6 C7 C#7 E7 F7 G#7 A7 C8 C#8 E8 F8 G#8 A8 C9
Het stemapparaat kan uitgebreid worden met
modules. Deze uitbreidingsmodules voegen extra functionaliteit toe. Op dit
moment is er één uitbreidingsmodule verkrijgbaar. Deze module voegt de
mogelijkheid toe om alle tonen van het accordeon snel op te kunnen nemen en op
te slaan om er vervolgens een rapport van uit te draaien. Controleer de website
voor nieuwe uitbreidingsmodules: http://www.dirksprojects.nl
• Frequentie
(frequency)
het aantal trillingen per seconde van een toon (toonhoogte).
• Geluid
(sound)
het geheel van trillingen dat door het menselijke oor waargenomen wordt.
• Toon
(tone)
geluid met een constante frequentie.
• Noot
(note)
notatie voor een toon met een bepaalde toonhoogte en lengte.
• Toonladder
(scale)
oplopende of aflopende reeks van tonen in een vaste volgorde.
• Toonhoogte
(pitch)
de waargenomen toonhoogte van een geluid. Dit is de grondtoon.
• Grondtoon
(fundamental tone)
de waargenomen toonhoogte van een geluid is die van de grondtoon. De grondtoon
is de laagste toon van de tonen waaruit het geluid is opgebouwd.
• Boventoon
(overtone)
een toon in een geluid met een hogere frequentie dan de grondtoon. De
boventonen van een geluid zijn veelvouden van de grondtoon.
• Zweving
(beating)
de zweving in geluid die ontstaat door een gering verschil in toonhoogte van
twee tegelijk klinkende tonen.
• Interval
(interval)
Het verschil in toonhoogte tussen twee noten.
• Semitoon
(semitone)
het kleinste muzikale interval dat gebruikt wordt in de westerse muziek. Een
octaaf bestaat uit twaalf semitonen. In een gelijkzwevende toonladder zijn alle
semitonen even groot. Bij een piano is het interval tussen twee opeenvolgende
witte toetsen, één semitoon als er geen zwarte toets tussen zit. Als er een
zwarte toets tussen de witte toetsen zit, dan is het interval tussen de twee
witte toetsen twee semitonen. Het interval tussen de witte toetsen en de zwarte
is dan één semitoon. Het interval tussen een noot en dezelfde noot met een
kruis (bijvoorbeeld C en C#) is altijd één semitoon.
• Octaaf
(octave)
het verschil tussen twee tonen waarvan de frequentie van de tweede toon dubbel
zo hoog is als die van de eerste.
1 Octaaf = 12 Semitonen.
• Stemming
of temperatuur (temperament)
de manier waarop de frequenties van de muzieknoten gekozen worden. In de
westerse muziek is de gelijkzwevende stemming de meest populaire. Andere
stemmingen zijn bijvoorbeeld: de reine stemming, de stemming van Pythagoras, de
middentoonstemming, de welgetempereerde stemming en de 31-toonstemming.
• Chromatische
toonladder (chromtic scale)
Een chromatische toonladder is een toonladder die alle twaalf semitonen van het
octaaf bevat:
c – c# – d – d# – e – f – f# – g – g#
– a – a# – b (de witte en de zwarte toetsen van een piano)
• Halve
en hele toonafstanden (half-tone and whole-tone steps)
Een halve toonafstand is gelijk aan een interval van één semitoon zoals het
interval tussen twee opeenvolgende witte toetsten van een piano waar geen
zwarte toets tussen zit. Een hele toonafstand is gelijk aan een interval van
twee semitonen zoals het interval tussen twee opeenvolgende witte toetsen van
een piano waar wel een zwarte toets tussen zit.
• Diatonische
toonladder (diatonic scale)
Een diatonische toonladder is een toonladder met halve en hele toonafstanden:
C majeur: c – d – e – f – g – a – b (de witte toetsen van een piano of de
knoppen van een trekzak)
C mineur: c – d – eb – f – g – ab – bb
• Wisseltonig
(bisonoric)
De term ‘Wisseltonig’ wordt gebruikt om aan te geven dat een toets van
accordeon-achtig instrument bij dichtgaande en opengaande balg een andere toon geeft.
Voorbeelden: bandoneon, trekzak, mondharmonica.
• Hertz
(hertz)
eenheid voor frequentie.
1 Hz = 1 trilling per seconde.
• Cent
(cent)
logaritmische eenheid voor het verschil in toonhoogte ten opzichte van een toon
in de toonladder.
1200 Cent = 1 Octaaf.
100 Cent = de afstand tussen 2 opeenvolgende semitonen in een gelijkzwevende
toonladder.
• Frequentiespectrum
(frequency spectrum)
alle frequenties die voorkomen in een geluid. Het frequentiespectrum kan
weergegeven worden in de vorm van een grafiek.
• Stemtafel
(tuning table)
Een (werk)tafel met allerlei voorzieningen om de tongen van een accordeon te
kunnen stemmen.
Het stemapparaat bestaat uit één
installatiebestand: een .exe bestand. Tijdens het downloaden van dit bestand
krijgt u de volgende vragen:

In het bovenstaande scherm kunt u ‘Run’ of
‘Save’ kiezen. Door ‘Run’ te kiezen wordt het installatiebestand gedownload en
direct opgestart. Door ‘Save’ te kiezen wordt het installatiebestand eerst op
uw computer opgeslagen voordat het opgestart wordt. Door deze optie te kiezen
kunt u het stemapparaat achteraf bijvoorbeeld op een CD schrijven zodat u het
later opnieuw kunt installeren.

Na downloaden wordt het bovenstaande scherm
weergegeven. Door hier ‘Run’ te kiezen wordt het installatiebestand opgestart.
U kunt het opgeslagen installatiebestand later altijd opnieuw opstarten om het
stemapparaat te installeren.

Doordat de Internet Browser het stemapparaat
niet herkend, waarschuwt het bovenstaande scherm voor het opstarten van een
onbekend bestand. Door hier ‘Run’ te kiezen wordt het installatiebestand daadwerkelijk
opgestart.

Met het bovenstaande installatieprogramma kan
het stemapparaat geïnstalleerd en later eventueel weer gede-installeerd worden.
Door ‘Install’ te kiezen wordt het stemapparaat geïnstalleerd. De bestanden van
het stemapparaat worden geïnstalleerd in de folder waar Windows standaard alle
programma’s installeert. U kunt de installatiefolder veranderen door ‘Select
installation folder’ te kiezen. De ingestelde installatiefolder wordt onderin
het scherm bij ‘Program Files’ weergegeven. Door het vinkje bij ‘Place icons on
your computer’s desktop’ te verwijderen worden er geen iconen op het bureaublad
geplaatst. Door het vinkje bij ‘Start the application after installation’ te
verwijderen wordt het stemapparaat na installatie niet opgestart. Meestal
zullen beide vinkjes aan moeten blijven staan.

Het bovenstaande scherm geeft aan dat het
stemapparaat succesvol is geïnstalleerd en dat het stemapparaat opgestart zal
worden. Om het stemapparaat later weer op te kunnen starten, is een icoon op het
bureaublad van uw computer geplaatst. Deze zelfde icoon is ook in het startmenu
van Windows geplaatst onder ‘Dirk’s Accordion Tuner Pro V2.2’.
De disclaimer

Bij de eerste keer opstarten van het
stemapparaat wordt de zogenaamde ‘disclaimer’ weergegeven. Dit scherm geeft aan
dat de auteur op geen enkele wijze aansprakelijk is voor eventuele directe of
indirecte schade als gevolg van het gebruik of het niet kunnen gebruiken van
deze software. Om het stemapparaat op te starten dient u deze disclaimer te
accepteren door ‘Accept’ te kiezen. U kunt de disclaimer ‘niet accepteren’ door
op het rode kruisje te klikken. Het stemapparaat wordt dan afgesloten.
Activeren.

In het bovenstaande activeringsscherm kunt u
uw naam en e-mail adres doorgeven. Deze gegevens worden gebruikt om u te
informeren over wijzigingen, nieuwe versies etc. Deze gegevens worden niet
doorgegeven aan derden. Het is niet verplicht om deze gegevens door te geven. U
kunt het vinkje aanzetten om aan te geven dat u uw naam en e-mail adres niet
wenst door te geven. Om door te gaan kiest u ‘Activate’.

Met het bovenstaande installatieprogramma kan
het stemapparaat geïnstalleerd en later eventueel weer gede-installeerd worden.
Door ‘Uninstall’ te kiezen wordt het stemapparaat gede-installeerd. Alle,
tijdens de installatie, geïnstalleerde bestanden worden weer van uw computer
verwijderd. Het installatieprogramma kan opgestart worden in het startmenu van
Windows onder ‘Dirk’s Accordion Tuner Pro V2.2’.

Het stemapparaat kan ook gede-installeerd
worden door middel van het icoon ‘Software’ in het configuratiescherm van
Windows.
De nauwkeurigheid van de microfoon
Voor het stemapparaat is alleen de frequentie
van het gemeten geluid belangrijk. De geluidsterkte maakt niet uit. Het
frequentiebereik van de microfoon dient minimaal van 20 Hz tot 10 kHz te lopen.
De nauwkeurigheid van de gevoeligheid van de microfoon is niet belangrijk. De
nauwkeurigheid van de gemeten frequentie is wel belangrijk. Dit is echter bij
elke microfoon ruim voldoende.
Extern aangesloten of ingebouwd
Een ingebouwde microfoon zoals die in de
meeste laptops aanwezig is, is goed bruikbaar, maar vangt meer omgevingsruis op
dan een extern op de geluidskaart aangesloten microfoon. De behuizing van de
laptop vangt geluiden en trillingen op en geeft deze door aan de microfoon. De
ventilator van de laptop is een belangrijke bron van omgevingsruis. Het
merendeel van deze ruis wordt door het stemapparaat onderdrukt waardoor de
ingebouwde microfoon toch goed werkt. Een ander, veel groter, nadeel van de
ingebouwde microfoon is dat deze niet (of moeilijk) goed te positioneren is ten
opzichte van het accordeon. Een externe microfoon, die met een draad op de
geluidskaart aangesloten wordt, kan eenvoudig op de gewenste locatie geplaatst
worden.
Dynamisch of condensator
Microfoons zijn ruwweg in twee groepen in te
delen: dynamische microfoons en condensatormicrofoons. Er bestaan meer soorten
(electret, c-ducer, pzm, kristal, piëzo), maar die worden maar weinig
toegepast.
Dynamische microfoons en jack plug
Condensatormicrofoons, voorversterker en XLR
plug
Een dynamische microfoon bestaat uit een
membraam die zich in een magnetisch veld bevindt. Geluid laat de membraam
trillen in het magnetische veld waardoor een elektrische spanning wordt
opgewekt. Dit type microfoon kan zonder voorversterker (en dus ook zonder
voeding) rechtstreeks op een geluidskaart aangesloten worden en is meestal
voorzien van een zogenaamde jack plug.
Een condensatormicrofoon bestaat uit een
geleidende membraam die zich vlak bij een vaste, eveneens geleidende, plaat
bevindt. Hierdoor ontstaat een condensator waarvan de capaciteit afhankelijk is
van de stand van de membraam. Geluid laat de membraam trillen waardoor de
capaciteit van de condensator meetrilt. Door een elektrische spanning op de
condensator aan te brengen kan de capaciteit, en dus het geluidssignaal,
gemeten worden. Deze spanning wordt de fantoomspanning genoemd waarvoor een
speciale voorversterker nodig is. Dit type microfoon kan niet rechtstreeks op
de geluidskaart aangesloten worden en is meestal voorzien van een zogenaamde XLR
plug.
De dynamische microfoon is goedkoop en kan
rechtstreeks op de geluidskaart aangesloten worden. De condensatormicrofoon is
duur en heeft een dure voorversterker met fantoomvoeding nodig. De betere
kwaliteit van de condensatormicrofoon zorgt niet voor een betere werking van
het stemapparaat. Het stemapparaat werkt prima met beide types maar om
bovengenoemde redenen heeft de dynamische microfoon de voorkeur.
Plaatsing van de microfoon
De plaatsing van de microfoon ten opzichte van
het accordeon bepaalt in grote mate de gevoeligheid van de microfoon voor de te
meten tongen in het accordeon. Plaats de microfoon altijd aan die kant van het
accordeon waar de te meten tongen zich bevinden. Als de tongen van de diskant
gemeten worden dan moet de microfoon aan de kant van het klavier geplaatst
worden. Als de tongen van de bassen of de akkoorden gemeten worden dan moet de
microfoon aan de baskant van het accordeon geplaatst worden. Als het tongenblok
uit het accordeon gehaald is en op de stemtafel gestemd wordt, dan moet de
microfoon boven het blok geplaatst worden zodat alle tongen even sterk gemeten
kunnen worden. Als twee tongen tegelijk (en even luid) klinken en de microfoon
bevind zich op de verkeerde plaats, dan is het goed mogelijk dat één van de twee tongen veel zachter gemeten wordt. Dit zal de
nauwkeurigheid van de meting negatief beïnvloeden.
De afstand van de microfoon tot het
accordeon
Als de microfoon dichter bij het accordeon
geplaatst wordt, worden de achtergrondgeluiden, ten opzichte van het te meten
geluid, zwakker. Dit komt de meting ten goede. Een afstand van minder dan een
halve meter geeft het beste resultaat.
Digitale effecten
Sommige microfoons zijn voorzien van software
(zogenaamde drivers) die door middel van digitale effecten het geluidssignaal
kunnen bewerken. Dit zijn effecten zoals galm, bromfilters, stereoversterking,
richtingsgevoeligheid en ruisonderdrukking. Deze effecten vervormen het gemeten
geluidssignaal waardoor het stemapparaat niet goed kan functioneren. Deze
effecten moeten in de software van de microfoon uitgeschakeld worden. De
microfooninstellingen ‘boost’, ‘sensitivity’, ‘volume’, ‘gain’ en ‘balance’
zijn geen probleem.
Conclusie
In de praktijk blijkt een eenvoudige
dynamische microfoon zoals vaak bij een geluidskaart meegeleverd wordt goed te
voldoen. Het frequentiebereik van een dergelijke goedkope microfoon is meestal
niet bekend. Vooral voor de lagere tonen kan een kwalitatief betere dynamische
microfoon betere resultaten geven. Het frequentiebereik van deze microfoon
dient dan minimaal van 20 Hz tot 10 kHz te lopen. De veel duurdere condensatormicrofoons
zijn wel bruikbaar, maar geven geen beter resultaat. Digitale effecten in de
microfoonsoftware moeten uitgeschakeld worden.
Tooltips
Door met de muis een korte tijd boven een knop
of scherm van het stemapparaat te blijven zweven wordt een zogenaamde tooltip
weergegeven. Een tooltip is een klein tekstschermpje met uitleg over de
desbetreffende knop of scherm.
Selecteer de geluidsingang
Om het stemapparaat te kunnen gebruiken is het
noodzakelijk om de gewenste geluidsingang te selecteren en in te stellen.
Meestal zal dit een microfoon zijn. Bij de eerste keer opstarten van het
stemapparaat wordt daarom het instellingenscherm weergegeven.

In het bovenstaande instellingenscherm is het
linker deel van belang voor het selecteren en instellen van de geluidsingang.
Bij ‘Select the recording device’ selecteert u de geluidskaart. De verschillende
geluidsingangen van de geselecteerde geluidskaart worden bij ‘Select the sound
input in the recording device’ opgesomd. Hier selecteert u de te gebruiken
geluidsingang.
Met de schuif ‘Sensitivity’ wordt de
gevoeligheid van de geluidsingang ingesteld. In de grafiek onderin wordt het
huidige signaal van de geselecteerde geluidsingang weergeven. Het stemapparaat
werkt het beste met een zo sterk mogelijk ingangssignaal, maar om vervorming
van het signaal te voorkomen mag het signaal niet helemaal boven of onderin de
grafiek terecht komen. Het signaal is dan te sterk en zal de werking van het
stemapparaat negatief beïnvloeden. De sterkte van het signaal kan gereduceerd
worden door de schuif ‘Sensitivity’ naar links te verschuiven. Als een
microfoon is geselecteerd en het signaal erg zwak is kan het vinkje ‘Microphone
boost’ aangezet worden om het signaal extra te versterken.
Met de schuif ‘Balance’ wordt de balans van
een stereo geluidsingang ingesteld. De balans zal meestal in het midden
ingesteld moeten worden.
De knop ‘Windows Recording Control for the
selected device’ start het instellingsscherm van Windows voor de
geluidsingangen op. Dit scherm is meestal niet nodig.
Een 50 of 60Hz brom in het geluidssignaal kan
uitgefilterd worden door het desbetreffende vinkje voor de ‘Hum filters’ aan te
zetten. Een dergelijke brom wordt meestal veroorzaakt door de voeding van de
computer en vervolgens opgevangen door de microfoon. Het stemapparaat kan de
brom detecteren (als de humfilters uit staan) als een G1 (49Hz), een A#1
(58,27Hz) of een B1 (61,74Hz).
Zorg voor een rustige omgeving
Het stemapparaat verwijdert ongewenste
monotone achtergrondgeluiden. Het is echter nagenoeg niet mogelijk om een op de
achtergrond spelende accordeon van de gewenste voorgrondgeluiden te
onderscheiden. De te stemmen geluiden moeten luider zijn dan de
achtergrondgeluiden en de achtergrondgeluiden beïnvloeden de snelheid van het
stemapparaat nadelig. Het beste resultaat wordt bereikt in een rustige omgeving
met weinig achtergrondgeluiden.
Wacht op de initialisatie
Start het stemapparaat op en wacht met spelen
tot de tekst ‘Initializing…’ is verdwenen. Vlak na opstarten meet het
stemapparaat, ongeveer vijf seconden lang, de achtergrondgeluiden. Als tijdens
deze periode een noot gespeeld wordt, zal deze gezien worden als achtergrondgeluid.
Vlak na de initialisatie zal deze noot dan niet herkend worden. Als dit is
gebeurd, stop dan met spelen van de noot en wacht ongeveer tien seconden
alvorens de noot opnieuw te spelen.

Noten, octaven of akkoorden
Kies met behulp van de knoppen ‘Octaves’ en
‘Chords’ wat u wilt stemmen: enkele noten (geen van beide knoppen ingedrukt),
octaven (knop ‘Octaves’ ingedrukt) of akkoorden (knop ‘Chords’ ingedrdukt).
Selecteer het aantal tongen
Kies het juiste aantal tongen met de 'Reeds'
knop. Dit aantal dient overeen te komen met het aantal tongen dat tegelijk
klinkt. Als er meer tongen klinken dan ingesteld is, dan zal het stemapparaat
de luidste tongen herkennen, maar nooit meer dan ingesteld is. Als de
geluidsterkte van de tongen dicht bij elkaar ligt en enigszins varieert dan
zullen de, door het stemapparaat herkende tongen, kunnen verspringen en zal de
aflezing moeilijk zijn. Als er minder tongen klinken dan ingesteld is, dan
bestaat er een kans dat het stemapparaat een toon uit de achtergrondgeluiden
herkend. Deze kans is echter klein en als het gebeurd is het niet echt een
probleem, maar het maakt de aflezing wel minder duidelijk.

Speel de te stemmen noot
Speel de te stemmen noot met een constante
balgdruk tot de rode tekst ‘Lock’ verschijnt. De toonhoogte van de tong
varieert iets met de balgdruk. Als de balgdruk groter wordt zal de top van de tong
verder heen en weer slingeren waardoor de toonhoogte omlaag gaat. Het is daarom
van belang om ongeveer met dezelfde balgdruk te stemmen als waar ook mee
gespeeld wordt. Zodra de gemeten noot stabiel en nauwkeurig is verschijnt de
rode tekst ‘Lock’. Het stemapparaat zal nu niet meer naar een andere noot
verspringen zolang de huidige noot speelt.

Houd de noot niet te lang aan
Het stemapparaat verwijdert langdurende
monotone achtergrondgeluiden zoals het geluid van een ventilator. Als de te
meten noot te lang duurt (ongeveer 30 seconden), zal hij als achtergrondgeluid herkend
en verwijderd worden. Stop in dit geval de te meten noot ongeveer vijf seconden
alvorens weer verder te meten.
Houd de geluidsterkte in de gaten
Als de geluidsterkte te groot is zal het
ingangssignaal vervormen, wat de werking van het stemapparaat negatief
beïnvloedt. Als dit regelmatig voorkomt, ga dan naar het instellingenscherm
(Menu - Settings) en verlaag de gevoeligheid van het ingangssignaal (de schuif
‘Sensitivity’). Het stemapparaat houdt de geluidssterkte in de gaten en geeft
de rode tekst ‘Input signal too strong!’ knipperend weer zodra deze te hoog
wordt.

Controleer de gedetecteerde noot.
Het stemapparaat geeft de waarde van de
gedetecteerde noot weer. Het octaaf van de noot wordt rechtsonder de nootletter
weergegeven. De A van 440 Hz zit in octaaf 4 en wordt weergegeven als A4.

Lees de afwijkingen in getalvorm af
De afwijkingen van de gemeten tongen worden
door het stemapparaat in getalvorm weergegeven. Deze afwijkingen kunnen ten
opzichte van de exacte frequentie uit de toonladder berekend worden. De tongen
moeten dan zo gestemd worden dat de gemeten afwijkingen gelijk zijn aan de
gewenste zwevingen. De bewegende rode naalden geven dezelfde afwijkingen weer. De
afwijkingen kunnen ook ten opzichte van de gewenste zwevingen uit een
zwevingslijst berekend worden. De tongen moeten dan zo gestemd worden dat de
gemeten afwijkingen allemaal nul zijn. In hoofdstuk 23 wordt uitgelegd hoe
zwevingslijsten gebruikt kunnen worden. De manier die gebruikt wordt om de
afwijkingen te berekenen is in het instellingenscherm (Menu – Settings) in te
stellen.

Lees de afwijkingen met de bewegende
naalden af
De afwijkingen van de gemeten tongen worden
door het stemapparaat ook door middel van bewegende rode naalden weergegeven.
Deze afwijkingen worden ten opzichte van de exacte frequentie uit de toonladder
berekend. De schaalverdeling loopt van 50 Cent te laag tot 50 Cent te hoog. Dit
is het bereik van één semitoon. De tongen moeten zo gestemd worden dat de
gemeten afwijkingen gelijk zijn aan de gewenste zwevingen. De afwijkingen
kunnen hier niet ten opzichte van de gewenste zwevingen uit een zwevingslijst
berekend worden. De absolute frequenties van de gemeten tongen kunnen in
tekstvakjes (in Hertz) weergeven worden. Met de knop ‘Freq’ onderin het
stemapparaat kunnen deze vakjes aan en uit gezet worden.

Lees de zwevingen af
De zwevingen van de gemeten tongen worden door
het stemapparaat in getalvorm weergegeven. Met de knop ‘Hz/Cent’ wordt
gewisseld tussen weergave in Hertz of in Cent.
Het stemapparaat bevriezen
Het stemapparaat kan bevroren worden zodat de
weergegeven waarden en grafieken bewaard blijven en rustig afgelezen kunnen
worden. Het stemapparaat wordt ook bevroren door de spatiebalk van het
toetsenbord in te drukken.
Het stemapparaat vergroten tot een volledig
scherm
Het stemapparaat kan vergroot worden tot een
volledig scherm zodat de weergegeven waarden en grafieken, ook op een wat
grotere afstand, goed afgelezen kunnen worden.
Het geluidssignaal dat het stemapparaat
gebruikt voor zijn metingen wordt grafisch weergegeven in een scherm links
bovenin het stemapparaat. De mate waarin het signaal op en neer gaat geeft de
sterkte van het ingangsgeluid aan. Als het geluid zo sterk wordt dat het niet
meer in het scherm zou passen, dan wordt het signaal niet sterker weergegeven
zodat het altijd in het scherm past. De naam van de geluidsingang die gekozen
is in het instellingenscherm (Menu – Settings) wordt ook in dit scherm
weergegeven. U kunt dit scherm gebruiken om te controleren of het
ingangssignaal aanwezig is.

Het stemapparaat zet het ingangssignaal om van
een tijdsignaal naar een frequentiesignaal. De equalizer geeft de sterkte van
de gemeten noten (van E0 t/m C9) grafisch weer in het equalizerscherm. Elk
verticaal blauw balkje geeft de sterkte van de desbetreffende noot weer. Hoe
sterker de noot in het gemeten signaal hoe hoger het balkje. Als één van de balkjes
zo sterk wordt dat het niet meer in het scherm zou passen, dan wordt het
signaal niet sterker weergegeven zodat het altijd in het scherm past. In dat
geval wordt alle noten minder sterk weergegeven zodat de nootsterktes ten
opzichte van elkaar blijven kloppen. In dit scherm zijn ook de in het
ingangsgeluid aanwezige boventonen zichtbaar. Het stemapparaat doet hier verder
niets mee. De sterktes van de achtergrondgeluiden worden per noot weergeven met
een klein groen vertikaal streepje. Als het blauwe balkje boven het groene
streepje uitsteekt dan herkend het stemapparaat de desbetreffende noot als
voorgrondgeluid. Het stemapparaat selecteert de te stemmen noot uit het
voorgrondgeluid. De geselecteerde noot wordt gemarkeerd door een donkergroene
achtergrond. Bij het stemmen van akkoorden en octaven worden meerdere noten
geselecteerd.

De gedetecteerde noot wordt als een letter,
een octaafnummer en eventueel een kruis weergeven in het nootscherm van het
stemapparaat. Links bovenin dit scherm wordt de frequentie van de toon in de
toonladder weergegeven. Dit is niet de gemeten frequentie. Onder deze
frequentie wordt aangegeven of de noot automatisch of handmatig geselecteerd
is. Rechts bovenin wordt de ingestelde frequentie voor de A4
weergeven. Standaard is dit 440.0 Hz. Als de noten worden getransponeerd dan
wordt dit onderin dit scherm aangegeven.

Het verticale blauwe balkje in de equalizer
van de gedetecteerde noot beslaat een klein deel van het totale
frequentiespectrum (alle blauwe balkjes) van het ingangsgeluid. Het
stemapparaat vergroot het frequentiespectrum van dit ene gedetecteerde blauwe
balkje en geeft dit grafisch weer in het frequentiespectrumscherm. De
horizontale as geeft de frequentie weer en de verticale as geeft de sterkte van
de frequenties weer. De rode lijn laat het frequentiespectrum van de
gedetecteerde noot zien. De uiteinden van de rode lijn gaan over in witte
lijnen. Deze witte lijnen laten een klein deel van de naburige noten zien. De
hoge pieken in de rode lijn stellen de gemeten frequenties van het
ingangsgeluid weer. Elke klinkende tong van het accordeon veroorzaakt een piek
in het frequentiespectrum. De afstand tussen twee pieken bepaalt de frequentie
van de waargenomen zweving. Het stemapparaat detecteert de pieken in de rode
lijn en markeert deze met blauwe verticale lijnen. Er worden niet meer pieken
gedetecteerd dan er tongen ingesteld zijn. Het ingestelde aantal tongen wordt
rechts onderin het scherm weergegeven. De verticale donkergroene lijn geeft de
frequentie uit de toonladder van de gedetecteerde noot weer. De verticale
lichtgroene lijnen geven de gewenste afwijkingen voor de tongen uit de
zwevingslijst weer. De afstanden tussen de blauwe en de groene lijnen geven de
afwijkingen van de tongen weer. Of er enkele tonen, akkoorden of octaven
gemeten worden, wordt links onderin het scherm aangegeven. Rechts bovenin het
scherm wordt de gekalibreerde correctiefactor voor de frequenties weergegeven.
De afwijkingen van de tongen worden in
getalvorm en met behulp van bewegende rode naalden weergeven. De zwevingen
worden berekend en in getalvorm weergegeven. Ook de absolute frequenties van de
tongen kunnen in getalvorm weergegeven worden. Zie hoofdstuk 9 Voor uitleg over
het aflezen van de afwijkingen en de zwevingen.
Als de knop ‘Auto’ ingedrukt is dan selecteert
het stemapparaat de te stemmen toon automatisch. Als deze knop niet ingedrukt
is dan kan de te stemmen toon handmatig geselecteerd worden. Met de vier
knoppen ‘- Note +’ en ‘- Octave +’ kan de geselecteerde noot aangepast worden. Het
linker pijltje en rechter pijltje op het toetsenbord kunnen hiervoor ook
gebruikt worden. De geselecteerde noot wordt in het equalizerscherm gemarkeerd
met een groene achtergrond.
Handmatige selectie van de te stemmen noot kan
onder andere in de volgende situaties gebruikt worden:
-
In de automatische selectiemode selecteert het
stemapparaat de grondtoon van het ingangsgeluid. In de handmatige selectiemode
is het mogelijk om één van de andere tonen (bijvoorbeeld een boventoon) te
meten.
-
In de handmatige selectiemode reageert het
stemapparaat gevoeliger waardoor het mogelijk wordt om zwakkere tonen te meten.
-
In het instellingenscherm (Menu – Settings) is in
te stellen dat het stemapparaat, in de handmatige selectiemode, altijd door
moet meten, ook als er geen voorgrondgeluid aanwezig is. Op die manier kunnen
langdurende geluiden gemeten worden.
-
Als er veel storende achtergrondgeluiden aanwezig
zijn, kan het voorkomen dat het stemapparaat, in de automatische selectiemode,
af en toe de verkeerde noot selecteert.

Langdurende noten zullen na ongeveer 30
seconden door het stemapparaat als achtergrondgeluid herkend worden. Deze
geluiden zullen dan niet meer automatisch geselecteerd worden. In het
instellingenscherm (Menu – Settings) is in te stellen dat het stemapparaat, in
de handmatige selectiemode, altijd door moet meten, ook als er geen
voorgrondgeluid aanwezig is. Op die manier kunnen langdurende noten en andere
achtergrondgeluiden toch gemeten worden.
In de handmatige selectiemode kan het
stemapparaat met behulp van de geluidskaart noten afspelen. Door op de knop
‘Sound’ te klikken wordt tien seconden lang de geselecteerde noot afgespeeld.
Het stemapparaat corrigeert de frequentie van de afgespeelde noot aan de hand
van de kalibratie die bij opstarten wordt uitgevoerd. Hierdoor heeft de
afgespeelde noot geen last van eventuele afwijkingen van de geluidskaart. Het
gegenereerde geluid heeft een sinusvorm. De geluidsterkte is sterk afhankelijk
van de toonhoogte en de frequentiekarakteristiek van de gebruikte luidsprekers.
Zonder basluidspreker zullen de lage tonen (onder de C3) meestal
geheel wegvallen.
Het afspelen van de noot kan gebruikt worden
om de stemming ‘op het gehoor’ te controleren of om de geselecteerde noot op
het accordeon snel te vinden. Het is ook een snelle test om te controleren of
het stemapparaat functioneert.

Om uw instrument in een andere toon te stemmen
dan de standaard C kunt u de knoppen '- Trans +' onderin het stemapparaat gebruiken.
Met deze knoppen is de stemming te transponeren naar een andere toon. Onder in
het nootscherm wordt aangegeven waar de C van het instrument naartoe
getransponeerd wordt. ‘C => C#’ betekent dat wanneer een C#
gemeten wordt, dit als een C in het stemapparaat weergegeven wordt. Alle andere
tonen worden evenredig mee getransponeerd. Transponeren werkt alleen bij het
meten van enkele noten, niet bij het meten van akkoorden of octaven.

Om een instrument in een andere toonhoogte te
stemmen dan de standaard A=440Hz kunt u de schuif rechts in het stemapparaat
gebruiken. Met deze schuif is de frequentie van de A4 aan te passen
tussen 430Hz en 450Hz in stappen van 1Hz. Alle andere tonen zullen evenredig
mee veranderen. Als de frequentie nog verder aangepast moet worden, is dit mogelijk
door de A4 frequentie te combineren met het transponeren van één of
meerdere seminoten. Zie hoofdstuk 18. Door te dubbelklikken op de schuif wordt
de standaardfrequentie van 440Hz weer ingesteld. Boven in het nootscherm wordt
de huidige toonhoogte (frequentie) van de A4 weergeven.
Als er met de knop ‘Record’ noten opgenomen
zijn dan is het niet mogelijk om de frequentie van de A4 te
wijzigen. Om de opgenomen noten met elkaar te kunnen vergelijken moet de A4
frequentie steeds gelijk zijn.

Het stemapparaat kan akkoorden meten die uit
drie noten bestaan. De drie noten van het akkoord worden tegelijk gemeten
waardoor het stemapparaat in staat is de naam van het akkoord weer te geven
zoals: Dm, A, Fsus2 of Edim. Als de knop ‘Chords’ onderin het stemapparaat
ingedrukt is, meet het stemapparaat akkoorden.
Het stemapparaat selecteert de drie noten van
het akkoord uit het ingangsgeluid en markeert deze in het equalizerscherm met
een donkergroene achtergrond. De naam van het akkoord wordt in het nootscherm
weergegeven. Het frequentiespectrumscherm wordt in drieën opgedeeld zodat de
frequentiespectrums van alle drie noten weergegeven kunnen worden. Zie
hoofdstuk 11 voor uitleg over het equalizerscherm. Zie hoofdstuk 13 voor uitleg
over het frequentiespectrumscherm.
De gemeten afwijkingen van de drie tongen
worden in getalvorm en met behulp van drie rode naalden weergegeven. Bij de
afwijkingen in getalvorm wordt de naam van de desbetreffende noot uit het
akkoord in donkergroen weergegeven. De afwijkingen worden ten opzichte van de
exacte frequentie uit de toonladder berekend. De schaalverdeling van de
schermen met de rode naalden loopt van 30 Cent te laag tot 30 Cent te hoog. De
absolute frequenties van de gemeten tongen kunnen in tekstvakjes (in Hertz)
weergeven worden. Met de knop ‘Freq’ onderin het stemapparaat kunnen deze
vakjes aan en uit gezet worden.

Het stemapparaat kan twee of drie noten die een
octaaf uit elkaar liggen tegelijk meten. De octaven moeten opvolgend zijn, er
kunnen geen octaven overgeslagen worden. Als de octaven niet opvolgend zijn dan
kunnen deze noten gemeten worden met behulp van de handmatige selectiemode. Zie
hoofdstuk 15 voor uitleg hierover. Als de knop ‘Octaves’ onderin het
stemapparaat ingedrukt is, meet het stemapparaat octaven.
Met de knop ‘Reeds’ onderin het stemapparaat
wordt ingesteld of er 2 of 3 noten gemeten worden. Het ingestelde aantal noten
wordt rechts onderin het frequentiespectrumscherm weergegeven. Het stemapparaat
selecteert de noten in de opeenvolgende octaven uit het ingangsgeluid en
markeert deze in het equalizerscherm met een donkergroene achtergrond. De naam
van de noot en het octaafnummer van de laagste noot worden in het nootscherm
weergegeven. Het frequentiespectrumscherm wordt in drieën opgedeeld zodat de
frequentiespectrums van drie noten weergegeven kunnen worden. Zie hoofdstuk 11
voor uitleg over het equalizerscherm. Zie hoofdstuk 13 voor uitleg over het
frequentiespectrumscherm.
De gemeten afwijkingen van de tongen worden in
getalvorm en met behulp van de rode naalden weergegeven. Bij de afwijkingen in
getalvorm worden de naam van de desbetreffende noot en het octaafnummer in
donkergroen weergegeven. De afwijkingen worden ten opzichte van de exacte
frequentie uit de toonladder berekend. De schaalverdeling van de schermen met
de rode naalden loopt van 30 Cent te laag tot 30 Cent te hoog. De absolute
frequenties van de gemeten tongen kunnen in tekstvakjes (in Hertz) weergeven
worden. Met de knop ‘Freq’ onderin het stemapparaat kunnen deze vakjes aan en
uit gezet worden.
Bij noten in verschillende octaven is de
zweving waarneembaar die ontstaat tussen de boventonen van de lagere octaven en
de hogere octaven. Deze zweving (Beating) wordt door het stemapparaat gemeten
en weergegeven in Hertz of in Cent. Met de knop ‘Hz/Cent’ bovenin het stemapparaat
kan gewisseld worden tussen Hertz en Cent. In het geval van Cent, wordt de
zweving berekend ten opzichte van het hogere octaaf.

Het instellingenscherm kan geopend worden door
op de knop ‘Menu’ onderin het stemapparaat te klikken. Links bovenin het
stemapparaat verschijnt dan een menu waarin de optie ‘Settings…’ gekozen moet
worden. Het instellingenscherm kan ook geopend worden door op het scherm met
het ingangssignaal links bovenin het stemapparaat te klikken.


De geluidsingang kiezen
In het onderstaande instellingenscherm is het
linker deel van belang voor het selecteren en instellen van de geluidsingang.
Zie hoofdstuk 8 voor uitleg over hoe de gewenste geluidsingang te selecteren en
in te stellen.
Een onderdeel van Windows mixers is ‘Windows
Recording Control’. Dit is de plek in Windows waar de geluidsingang
geselecteerd en ingesteld wordt. Het instellingenscherm van het stemapparaat
doet hetzelfde waardoor de Windows instellingen niet nodig zijn. Door op de
knop ‘Windows Recording Control for the selected device’ te drukken wordt het
instellingenscherm van Windows, voor de in het stemapparaat geselecteerde
geluidskaart, geopend.
Het plaatje op het hoofdscherm kiezen
Rechts bovenin bij ‘Select the main screen
image’ wordt het instrument gekozen dat in het midden van het stemapparaat
afgebeeld wordt.
Hoe de afwijkingen berekend worden
Rechts in het midden bij ‘Select how to
display the error values’ wordt gekozen hoe de gemeten afwijkingen van de
tongen weergegeven worden. Er zijn twee opties:
1.
‘Display error values with respect to the straight
pitch from the scale’.
Bij deze optie wordt de afwijking van de tong berekend ten opzichte van de
exacte frequentie van de noot in de toonladder. Dit betekent dat, tijdens het
stemmen, de door het stemapparaat weergegeven afwijkingen gelijk moeten worden
aan de gewenste zwevingen.
2.
‘Display error values with respect to the desired
pitch from the beating list’.
Bij deze optie wordt de afwijking van de tong berekend ten opzichte van de
gewenste waarde uit de zwevingslijst. Dit betekent dat, tijdens het stemmen, de
door het stemapparaat weergegeven afwijkingen allemaal gelijk aan nul moeten
worden.
De uitgebreide tooltips uitschakelen
Als de muiscursor een korte periode boven een
tool (knop, schuif, vinkje, tekst, etc.) zweeft, dan wordt een zogenaamde
tooltip weergegeven. Een tooltip is een scherm met helptekst dat voor het
stemapparaat verschijnt. Deze helpteksten geven belangrijke informatie over de
werking van het stemapparaat en zijn daarom zeer nuttig. Voor de ervaren
gebruiker, die deze informatie niet meer nodig heeft, zijn de tooltips echter
vervelend omdat ze een deel van het stemapparaat bedekken. Door de instelling ‘Disable
large tooltips’ rechts in het midden van het stemapparaat aan te zetten worden
de meeste tooltips uitgeschakeld.
Constant blijven bijwerken (meten) in de
handmatige selectiemode
De gemeten waardes en grafieken worden
bijgewerkt als het stemapparaat voorgrondgeluid herkend. Achtergrondgeluiden
worden niet gemeten. Voorgrondgeluiden die lang (ongeveer 30 seconden) duren
worden ook als achtergrondgeluid gezien. Hierdoor is het niet mogelijk om
geluiden over een lange periode te blijven meten. Door de instelling ‘Update
coninuously in manual note detection mode’ rechts in het midden aan te zetten
blijft het stemapparaat in de handmatige selectiemode de gemeten waardes en
grafieken continu bijwerken. Dit werkt niet als het stemapparaat meerdere noten
aan het opnemen is. Zie hoofdstuk 16 voor uitleg over het meten van langdurende
noten.
Stoppen met bijwerken (meten) nadat de noot
gelockt is.
Als een gedetecteerde noot gelockt is dan
blijft het stemapparaat doorgaan met het bijwerken van de gemeten waardes en
grafieken. Door de instelling ‘Stop updating after lock’ rechts in het midden
aan te zetten stopt het stemapparaat met bijwerken nadat de noot gelockt is.
Lijsten met gewenste zwevingen
Het stemapparaat kan gebruik maken van
zwevinglijsten. Dit zijn lijsten die de gewenste zweving per noot aangeven.
Door op de knop ‘Edit desired beating values …’ rechts onderin te drukken wordt
het scherm geopend waarmee de zwevingslijsten aangemaakt, bekeken, geladen en
opgeslagen kunnen worden. De tekst boven deze knop geeft de huidig
geselecteerde zwevingslijst weer. In hoofdstuk 23 wordt de werking van de
zwevinglijsten uitgelegd.
Accordeons hebben meestal meerdere tongen per
noot. De verschillende tongen zijn enigszins anders gestemd waardoor een
karakteristieke zweving ontstaat. Hoe verder de toonhoogte van de gelijktijdig
klinkende tongen uit elkaar ligt, hoe sneller de zweving. De hoeveelheid
zweving is per noot verschillend. Deze wordt meestal groter (in Hertz) naarmate
de noten hoger worden. De verdeling van de hoeveelheid zweving over de noten
van het accordeon is per type accordeon anders en wordt vastgelegd in
zogenaamde zwevingslijsten (beating lists). Elk type accordeon heeft zijn eigen
karakteristieke zwevingslijst. Deze zwevingslijsten kunnen met het stemapparaat
aangemaakt worden. Tijdens het stemmen geeft het stemapparaat de gewenste
zwevingen voor de tongen van de te stemmen noot weer. Het stemapparaat kan de
gemeten afwijking van een tong weergeven ten opzichte van de gewenste afwijking
uit de zwevingslijst. Zie hoofdstuk 22, paragraaf ‘Hoe de afwijkingen berekend
worden’ voor uitleg over deze instelling.
De gemeten afwijkingen ten opzichte van de
gewenste waarde uit de zwevingslijst
In het voorbeeld hieronder geeft het
stemapparaat de gemeten afwijkingen weer ten opzichte van de gewenste afwijking
uit de zwevingslijst. Het stemapparaat pakt de gewenste afwijkingen voor de
tongen van de te stemmen noot uit de zwevingslijst en geeft deze in donkergroen
weer, vlak onder de witte waarde van de gemeten afwijking van de desbetreffende
tong. Voor tong 1 (Reed 1) is de gewenste afwijking uit de zwevingslijst in dit
geval -14,9 Cent. De witte waarde +2,0 Cent geeft aan dat de tong nog 2,0 Cent
te hoog is. De afwijking ten opzichte van de exacte waarde uit de toonladder is
dus -14,9 + 2,0 = -12,9 Cent. De rode naalden onderin geven altijd de
afwijkingen van de tongen ten opzichte van de exacte waarde uit de toonladder.
De linker rode naald geeft inderdaad ongeveer -12,9 Cent aan. Een tong heeft op
deze manier de gewenste waarde als de witte gemeten waarde nul aangeeft. Dit
geldt voor elke tong en voor elke noot.

De gemeten zwevingen ten opzichte van de
gewenste zweving uit de zwevingslijst
De afwijking van een tong mag een paar Cent
zijn. Dit is door het menselijke oor niet waar te nemen. De zweving tussen twee
tongen is echter veel nauwkeuriger waar te nemen. De afstand tussen de
toonhoogtes van twee tongen moet daarom nauwkeuriger gestemd worden dan de
tongen afzonderlijk. Als de afwijkingen van beide tongen evenveel te hoog of te
laag zijn, is de zweving toch goed. Met het stemapparaat is het mogelijk de
afwijking van de zweving te meten en deze waarde te gebruiken om de tongen bij
te stemmen.
In het voorbeeld hieronder geeft het
stemapparaat de gemeten afwijkingen weer ten opzichte van de gewenste afwijking
uit de zwevingslijst. Het stemapparaat pakt de gewenste zweving tussen de
tongen van de te stemmen noot uit de zwevingslijst en geeft deze in donkergroen
weer, vlak onder de witte waarde van de gemeten afwijking van de zweving. Voor
de zweving tussen tong 1 (Reed 1) en tong 2 (Reed 2) is de gewenste afwijking
uit de zwevingslijst in dit geval 2,36 Hertz. De witte waarde -1,04 Hertz geeft
aan dat de gemeten zweving nog 1,04 Hertz te laag is. De tekstvakjes onderin
bij de rode naalden geven de absolute frequenties van de gemeten tongen in
Hertz weer. Het verschil tussen de linker twee frequenties is 260,89 – 259,58 =
1,31 Hertz. Dit is inderdaad 1,04 Hertz (2,36 – 1,31) te laag. De zweving heeft
op deze manier de gewenste waarde als de witte gemeten waarde nul aangeeft.

Zwevinglijsten aanmaken
Het scherm waarin de zwevingslijsten
aangemaakt kunnen worden, kan op twee manier geopend worden:
1.
Vanuit het instellingenscherm (Menu – Settings …)
op de knop ‘Edit desired beating values ...’ drukkken.
2.
In het stemapparaat op de tekst onder de afbeelding
van het accordeon klikken.


Zwevingslijsten kunnen met het stemapparaat
door middel van een tabel eenvoudig aangemaakt worden. Er hoeven maar een paar
zwevingswaarden ingevuld te worden. In de zwevingstabel hieronder zijn alle
noten (E0 t/m C9) aanwezig. In de kolom ‘Btng’ moeten bij een aantal noten de
gewenste zwevingen ingevuld worden. De waarde kan ingevuld worden door op de
gewenste regel in de tabel te klikken en de waarde met het toetsenbord in te
typen. De waarde kan aangepast worden door op de aan te passen waarde te
klikken en op ‘Enter’ te drukken. De overige kolommen ‘Rd 1’, ‘Rd 2’ en ‘Rd 3’
worden automatisch aan de hand van de kolom ‘Btng’ berekend en ingevuld. De
zwevingswaarden voor niet ingevulde noten worden berekend (geïnterpoleerd en
geëxtrapoleerd) aan de hand van de noten die wel ingevuld zijn. Of deze
interpolaties en extrapolaties berekend moeten worden of niet is in te stellen
door de drie vinkjes midden bovenin het scherm. Midden onderin het scherm kan
gekozen worden welke van de drie tongen op de exacte waarde uit de toonladder
(afwijking = 0) gestemd moet worden. De zwevingstabel kan in Cent of in Hertz
ingevuld worden. Dit is links onderin het scherm in te stellen. Zie hoofdstuk 28
voor uitleg over Cent en Hertz.

Een grafisch overzicht van de zwevingslijst
De zwevingslijst wordt rechts in het scherm
door middel van een grafisch overzicht weergegeven. De kolommen stellen de
noten voor. Per noot worden de gewenste afwijkingen van de tongen als
horizontale streepjes weergegeven. Tong 1 is rood, tong 2 is geel en tong 3 is
blauw. Rechtsboven de grafiek wordt de maximale waarde van de schaalverdeling
(Max scale) weergegeven. Dit is de waarde helemaal bovenin de grafiek. In het
midden bevindt zich de nullijn en helemaal onderin is de waarde ook maximaal
maar dan negatief. Door op een noot (kolom) te klikken wordt die noot
gemarkeerd met een donkergroene achtergrond en wordt tegelijkertijd dezelfde
noot geselecteerd in de tabel links in het scherm. Andersom verandert ook de
gemarkeerde noot in het grafische overzicht als in de tabel een andere noot
geselecteerd wordt. Door met de muiscursor even boven een noot in het grafische
overzicht te blijven zweven, wordt een tooltip weergeven met de desbetreffende
nootnaam en bijbehorende toonhoogte en Hertz.
Door op de knop ‘View in Cent’ te klikken
wordt het grafische overzicht in Cent weergeven in plaats van in Hertz. De
zwevingswaarden veranderen hier niet door, maar de lijnen in de grafiek zien er
anders uit doordat de waardes in Cent relatief zijn ten opzichte van de
toonhoogtes van de desbetreffende noten. Hiervan is hieronder ook een
schermafdruk gegeven. Als de zwevingslijst in Cent is ingevuld veranderd deze
knop in ‘View in Hertz’ en draait de werking om.


De zwevingslijst bepalen aan de hand van de
opgenomen noten
De zwevingslijst van een accordeon is vaak
niet bekend. De zwevingslijst kan dan meestal eenvoudig bepaald worden door
eerst alle noten van het accordeon op te nemen en daarna in het scherm voor de
zwevingslijsten een zwevingslijst aanmaken door de tabel in te vullen. Door de
knop ‘Show recorded’ in te drukken worden ook de opgenomen afwijkingen van de
tongen in het grafische overzicht weergegeven. Dit kan alleen als de module
voor opname en rapportage in het stemapparaat aanwezig is. De lijnen in het
grafische overzicht van de gewenste zwevingen kunnen nu zo aangepast worden
(door de waarden in de tabel aan te passen) dat ze zo goed mogelijk door de
gemeten afwijkingen heen lopen. Zie hoofdstuk 25 voor uitleg over het opnemen
van de noten.

Asymmetrische zwevingslijsten
Standaard worden de zwevingen symmetrisch
berekend. Dat wil zeggen dat de zweving tussen de eerste en de tweede tong even
groot is als de zweving tussen de tweede en de derde tong. Door een percentage
in te vullen in het invulvak ‘Asymmetricity’, wordt de zweving tussen de tweede
en de derde tong verhoogt met dit percentage van de zweving tussen de eerste en
de tweede tong. Dit is te zien in de schermafdruk hieronder.
Missende delen in de lijnen van het
grafische overzicht
In de schermafdruk hieronder valt op dat een
deel van de blauwe lijn mist. De blauwe lijn geeft de zwevingen in Hertz weer.
Als de zwevingen in Cent weergegeven worden (zoals in de tweede schermafdruk
hieronder) valt op dat in dit deel van de blauwe lijn de zwevingen groter zijn
dan 50 Cent. Dergelijke grote zwevingen zijn niet realistisch en worden door
het stemapparaat niet ondersteund.


Zwevingslijsten opslaan en inladen
Om de zwevingslijst te kunnen gebruiken moet
hij eerst een naam krijgen. Type de gewenste naam in het tekstvak bij
‘Description’ in. Zwevingslijsten kunnen als .btg bestand opgeslagen worden en
later weer ingeladen worden. Gebruik de knop ‘Save …’ om de zwevingslijst op te
slaan en de knop ‘Load …’ om een zwevingslijst in te laden.

Met het onderstaande scherm wordt een
zwevingslijst ingeladen.

De juiste toonhoogte meten
De toonhoogte van een tong verandert enigszins
als het accordeon open (of dicht) gemaakt wordt. Ook als het tongenblok uit het
accordeon gehaald wordt (of er ingezet wordt), veranderd de toonhoogte. Als een
tong buiten het accordeon wordt gestemd dan moet er rekening gehouden worden
met deze verandering in toonhoogte. Als de tong daarna in het accordeon terug
wordt geplaatst en het accordeon weer dicht zit, dan moet de toonhoogte precies
goed zijn. Om de uiteindelijke toonhoogte van een tong te controleren moet deze
gemeten worden terwijl de tong weer in het dichte accordeon zit.
Meerdere tongen tegelijk meten
Wanneer een conventioneel stemapparaat
gebruikt wordt, mag er bij het meten maar één tong tegelijk spelen. Bij veel
accordeons spelen, bij het indrukken van een toets, meerdere tongen tegelijk. Als
het accordeon geen knoppen heeft waarmee de desbetreffende tongen uitgeschakeld
kunnen worden, moet het accordeon eerst opengemaakt worden om die tongen uit te
schakelen. Daarna moet het accordeon weer dicht gemaakt worden om de toonhoogte
te kunnen meten. Met Dirk’s stemapparaat voor accordeon kunnen meerdere tongen
(maximaal drie), die tegelijk spelen, gemeten worden waardoor het niet nodig is
om het accordeon open te maken en de tongen uit te schakelen.
Het conventionele stemproces
Om het stemproces efficiënt uit te voeren
worden meestal de volgende stappen uitgevoerd:
1.
Het accordeon openmaken.
2.
De nodige tongen uitschakelen.
3.
Het accordeon dichtmaken.
4.
Alle noten één voor één meten en de gemeten waarden
opschrijven.
5.
Stappen 1 tot en met 4 herhalen tot alle tongen
gemeten zijn.
6.
Alle gemeten waarden vergelijken met de gewenste waarden
en het verschil uitrekenen en opschrijven. Van alle tongen zijn nu de
afwijkingen bekend.
7.
Het accordeon openmaken.
8.
De tongenblokken uit het accordeon halen.
9.
Aan de hand van de opgeschreven afwijkingen, de
nodige tongen bijstemmen.
10. De zwevingen op het gehoor bijstemmen.
11. De tongenblokken weer in het accordeon monteren.
12. Herhaal stap 2 tot en met 6 om de gestemde tongen te controleren.
Het stemproces met Dirk’s stemapparaat voor
accordeon
1.
Alle noten één voor één meten en de afwijkingen ten
opzichte van de gewenste waarden (en de zwevingen) opschrijven.
2.
Het accordeon openmaken.
3.
De tongenblokken uit het accordeon halen.
4.
Aan de hand van de opgeschreven afwijkingen, de
nodige tongen (inclusief de zwevingen) bijstemmen.
5.
De tongenblokken weer in het accordeon monteren en
het accordeon dichtmaken.
6.
Herhaal stap 1 om de gestemde tongen te
controleren.
Het stemproces met de module voor opname en
rapportage
Met de module voor opname en rapportage zijn
dezelfde stappen nodig, maar hoeft er niks meer opgeschreven te worden en kan
een stemrapport geprint worden.
25.
Accordeons stemmen met de
module voor opname en rapportage
Het stemapparaat kan worden uitgebreid met een
module die alle noten van het accordeon snel kan opnemen en opslaan om er
vervolgens een rapport van uit te draaien. Dit rapport geeft de afwijking van
elke tong in een overzichtelijke tabel. Na het openen van het accordeon kunnen
de tongen die te veel afwijken op de stemtafel worden gecorrigeerd met behulp
van de waardes uit het rapport. De tongen die buiten de kast een afwijkende
frequentie hebben zullen na terugplaatsen in het accordeon de juiste frequentie
krijgen. Het rapport kan achteraf opnieuw uitgedraaid worden en als stemrapport
bij het accordeon gevoegd worden. Zie hoofdstuk 24 voor uitleg over het stemmen
van een accordeon. Met de module voor opname en rapportage wordt ook de
mogelijkheid gegeven om (onbekende) zwevingslijsten van bestaande accordeons te
maken. Zie hoofdstuk 23 voor uitleg over het aanmaken van zwevingslijsten.
De noten opnemen
Door op de knop ‘Record’ te drukken wordt de
opnamemode van het stemapparaat ingeschakeld. De opnamemode werkt alleen
wanneer enkele noten gemeten worden. Akkoorden en octaven kunnen niet opgenomen
worden. In de opnamemode wordt het raster op de achtergrond van de equalizer
rood en verschijnt er een rode balk als cursor links in de equalizer. Zodra het
stemapparaat een stabiele en nauwkeurige noot meet, worden de gemeten
afwijkingen van de tongen in het vakje van de rode cursor opgeslagen. In het
nootscherm verschijnt dan het rode woord ‘Recorded’ links onder de nootletter.
De rode cursor schuift dan één vakje op naar rechts. Na een korte periode van
stilte kan de volgende noot opgenomen worden. Opgenomen noten kunnen met de
‘Backspace’ van het toetsenbord weer verwijderd worden. Als alle noten
verwijderd zijn dan wordt de opnamemode weer uitgeschakeld. Door even met de
muiscursor boven een vakje met opgeslagen afwijkingen te zweven verschijnt er
een tooltip met informatie over de opgeslagen noot, de afwijkingen en de
zwevingen. Het is mogelijk om dezelfde noot meerdere keren op te nemen zoals
bij de meeste diatonische harmonica’s nodig is. In de schermafdruk hieronder
zijn een aantal noten opgenomen met twee tongen (horizontale rode en gele
streepjes) per noot.

Het overzicht van de opgenomen noten
Het overzicht van de opgenomen noten (de
stemming) wordt geopend door de knop ‘Record’ weer uit te drukken. Het
overzicht kan ook geopend worden langs ‘Menu – Opname en rapportage …’. De
schermafdruk hieronder geeft een overzicht van een diatonische harmonica met
twee tongen per noot. Instrumenten met 3 tongen per noot is ook mogelijk. In
het bovenste tekstvak ‘Tuning description’ moet een omschrijving van de
stemming gegeven worden. Deze omschrijving wordt gebruikt in het stemrapport.
In de tabel worden alle opgenomen noten opgesomd.
De gegevens over de tongen
De gegevens over de tongen staan gegroepeerd
per tong onder de koppen ‘Reed 1’, ‘Reed 2’ en ‘Reed 3’. De kolommen voor de
tongen die niet opgenomen zijn blijven leeg. Het gaat om de volgende kolommen:
Note - De naam van de opgenomen noot. De volgorden van de opgenomen
noten in de tabel is gelijk aan de volgorde waarin de noten opgenomen zijn.
Dezelfde noot kan meerdere keren voorkomen.
Curr - De huidige (current) gemeten afwijking van de tong in Cent
ten opzichte van de exacte toonhoogte uit de toonladder.
Goal - De gewenste afwijking voor de tong uit de zwevingslijst in
Cent.
Error - De fout (error) in Cent die de tong naast de gewenste
afwijking zit.
De gegevens over de zwevingen
De gegevens over de zwevingen staan
gegroepeerd per tongenpaar onder de koppen ‘Beating 1-2’ en ‘Beating 2-3’. De
kolommen voor de zwevingen die niet opgenomen zijn blijven leeg. Rechtsonder de
tabel wordt gekozen of de waardes in deze kolommen in Cent of in Hertz weer
worden gegeven. Het gaat om de volgende kolommen:
Curr - De huidige (current) gemeten zweving.
Goal - De gewenste zweving.
Error - De fout (error) in de zweving.
De opgenomen afwijkingen aanpassen
De waardes in de ‘Curr’ kolommen van de tongen
kunnen hier handmatig aangepast worden door op de desbetreffende waarde te
klikken en op de knop ‘Enter’ van het toetsenbord te drukken. Als een waarde
aangepast is, worden de andere waarden van dezelfde noot opnieuw berekend.
Stoppen met opnemen
Als dit scherm met de opgenomen stemming wordt
afsloten met het rode kruisje dan blijft het stemapparaat doorgaan met opnemen.
Opnemen wordt gestopt als er geen opgenomen noten meer zijn. Door op de knop
‘Clear’ te drukken worden alle opgenomen noten verwijderd. Als daarna dit
scherm met de opgenomen stemming wordt afgesloten dan neemt het stemapparaat
niet meer op.

Het grafische overzicht van de opgenomen
afwijkingen
Het grafische overzicht van de opgenomen
afwijkingen ‘Graphical overview of the recorded tuning errors’ geeft de
afwijkingen van de tongen per noot weer, waarbij de noten gesorteerd zijn van
links naar rechts van de E0 tot en met de C9. De noten die meerdere keren
opgenomen zijn vallen in dezelfde kolom en worden daar allemaal weergegeven. De
verschillende rode, gele en blauwe streepjes zijn dan niet duidelijk van elkaar
te onderscheiden. Door even met de muiscursor boven een kolom met opgenomen
noten te zweven, verschijnt een tooltip met gegeven over de noot (naam en
frequentie), de afwijkingen van de tongen en de zwevingen. Als de
desbetreffende noot meerdere keren is opgenomen dan wordt dit rijtje met
gegevens meerdere keren in de tooltip weergegeven. Rechtsboven de grafiek wordt
de maximale waarde van de schaalverdeling (Max scale) weergegeven. Dit is de
waarde helemaal bovenin de grafiek. In het midden bevindt zich de nullijn en
helemaal onderin is de waarde ook maximaal maar dan negatief. Door op de kolom
te klikken wordt de kolom gemarkeerd door een donkergroene achtergrond en wordt
de overeenkomstige regel in de tabel geselecteerd. Als de desbetreffende noot
meerdere keren is opgenomen dan kunnen de overeenkomstige regels in de tabel
één voor één geselecteerd worden door meerdere keren op de kolom in het
grafische overzicht te klikken.
Opgenomen stemmingen opslaan en inladen
Om de opgenomen stemming te kunnen gebruiken
moet hij eerst een naam krijgen. Type de gewenste naam in het tekstvak bovenin
het scherm bij ‘Tuning description’ in. Opgenomen stemmingen kunnen als .tun
bestand opgeslagen worden en later weer ingeladen worden. Gebruik de knop ‘Save
…’ om de opgenomen stemming op te slaan en de knop ‘Load …’ om een eerder
opgenomen stemming in te laden.

Met het onderstaande scherm wordt een eerder
opgenomen stemming ingeladen.

De zwevinglijst aanpassen
Met de knop ‘Edit desired beating values …’
wordt het scherm geopend waarmee de zwevingslijst geladen en aangepast kan
worden.

De gewenste zwevingen laten zien
De gewenste afwijkingen uit de huidige
zwevingslijst kunnen in het grafische overzicht getoond worden door de knop
‘Show beating values’ in te drukken.

Stemrapporten maken
Van de opgenomen stemming kan een rapport
gemaakt worden. Dit rapport geeft de afwijking van elke tong in een
overzichtelijke tabel. Na het openen van het accordeon kunnen de tongen die te
veel afwijken op de stemtafel worden gecorrigeerd met behulp van de waardes uit
het rapport. De tongen die buiten de kast een afwijkende frequentie hebben
zullen na terugplaatsen in het accordeon de juiste frequentie krijgen. Het
rapport kan achteraf opnieuw uitgedraaid worden en als stemrapport bij het
accordeon gevoegd worden. Door op de knop ‘Report …’ te drukken wordt het scherm
geopend waarmee een stemrapport gemaakt kan worden. Zie hoofdstuk 24 voor
uitleg over het stemmen van een accordeon.

Met het onderstaande scherm kan een
stemrapport gemaakt worden. De gegevens die naast de gemeten afwijkingen en de
zwevingen in het rapport komen te staan moeten hier ingevuld worden. De
bedrijfsgegevens zoals naam, adres en woonplaats van de stemmer kunnen in het
tekstvak ‘Company info’ ingevuld worden. De website van de stemmer (URL) kan in
het tekstvak ‘Company website’ ingevuld worden. Om de URL te testen kan de
website geopend worden door op de knop ‘Go’ te drukken. Het logo van de stemmer
kan ingeladen worden met de knop ‘Load logo’. De volgende formaten worden
ondersteund: bmp, gif, jpg en wmf. Bij ‘Report date’ kan de datum die op het
rapport komt te staan aangepast worden. Als alle informatie is ingevoerd kan
het stemrapport aangemaakt worden met de knop ‘Create tuning report’.

Het stemrapport wordt opgeslagen als een XML
bestand. Met het scherm hieronder wordt het pad gekozen, de bestandsnaam
ingevuld en het bestand opgeslagen met de knop ‘Save’. In hetzelfde pad als het
XML bestand wordt ook een XSL bestand opgeslagen. Dit XSL bestand is nodig om
het stemrapport (het XML bestand) met een internetbrowser in te kunnen zien.
Zorg ervoor dat beide bestanden bij elkaar blijven als het stemrapport naar een
andere plek gekopieerd wordt.

Het stemrapport inzien en uitprinten
Zodra het stemrapport opgeslagen is wordt het
in de internetbrowser geopend. Het stemrapport is later opnieuw in te zien door
het op te zoeken met de Windows verkenner en dan op het XML bestand te
dubbelklikken. Het stemrapport kan uitgeprint worden met de printfunctie van de
internetbrowser. Hieronder wordt een voorbeeld gegeven van een stemrapport van
een aantal noten van een diatonische harmonica met twee tongen per noot. Drie
tongen per noot is ook mogelijk. Zie eerder in dit hoofdstuk voor uitleg over
de kolommen van de tabel.

De microfoon meet, naast de te meten noten,
vele andere ongewenste geluiden. Dit zijn bijvoorbeeld geluiden als de
ventilator van de computer, een voorbij rijdende auto, een dichtslaande deur,
een blaffende hond, de wind etc. Al deze geluiden verstoren de metingen en
worden daarom door het stemapparaat automatisch onderdrukt.
Achtergrondgeluiden
Het stemapparaat meet achtergrondgeluiden en
bepaald de toonhoogte en de geluidssterkte ervan. De sterkte van de
achtergrondruis wordt in het stemapparaat per noot met een horizontaal groen
streepje aangegeven. Langdurende geluiden worden als achtergrondgeluid gezien.
Zodra een noot (één van de blauwe balkjes) boven het achtergrondgeluid uitkomt
dan kan het stemapparaat deze noot selecteren om gemeten te worden. In het
geval van extreem veel achtergrondgeluiden kan in het instellingenscherm (Menu
– Settings …) de optie ‘Enh. Noise reduction’ aangezet worden.
Achtergrondgeluiden worden dan extra gereduceerd.

Dichtslaande deuren of voetstappen
De lage geluiden die voortgebracht worden door
bijvoorbeeld dichtslaande deuren of voetstappen op een houten vloer worden
automatisch door het stemapparaat uitgefilterd.
50 of 60 Hz brom
De 50 of 60 Hertz brom die vaak voortgebracht
wordt door de voeding van de computer wordt grotendeels automatisch door het
stemapparaat uitgefilterd. Als er extreem veel van dit soort brom door de
microfoon wordt opgevangen kan in het instellingenscherm (Menu – Settings …)
een zogenaamd ‘hum filter’ aangezet worden. De tonen in de buurt van 50 of 60 Hertz
worden dan sterk gereduceerd.
Automatische gevoeligheid
De bij het stemapparaat binnenkomende
geluidsterkte van de te meten tong is afhankelijk van de volgende factoren:
1.
De geluidsterkte die de tong produceert.
2.
De afstand van de tong tot de microfoon.
3.
Obstakels tussen de tong en de microfoon.
4.
De gevoeligheid van de microfoon.
5.
De gevoeligheid van de geluidskaart.
6.
De Windows volume-instellingen voor de
microfooningang.
Om het stemapparaat onder alle omstandigheden
te laten werken, wordt het binnenkomende signaal automatisch versterkt tot een
standaard niveau.
Hogere gevoeligheid in de handmatige
selectiemode
In de handmatige selectie mode (zie hoofdstuk 15)
let het stemapparaat maar op één noot tegelijk waardoor er minder kans is op
storende geluiden. Het stemapparaat wordt in deze mode gevoeliger ingesteld
waardoor zachtere geluiden gemeten kunnen worden.
De maximale afwijking in Hertz en in Cent
De afwijking van het stemapparaat voor
accordeon is beter (minder) dan 0,05 Hertz (golven van langer dan 20 seconden).
De nauwkeurigheid in Cent verloopt over het bereik van het stemapparaat omdat
een Cent een relatieve eenheid is. Het interval (de breedte) van een noot in
Hertz loopt op naarmate de toonhoogte hoger is en de breedte van een noot in
Cent is per definitie (altijd) 100. Een paar waarden van de nauwkeurigheid van
het stemapparaat in Cent: C1: 2,6 Cent, C2: 1,3 Cent, C3: 0,7 Cent, C4: 0,3
Cent, C5: 0,2 Cent, C6: 0,08 Cent, C7: 0,04 Cent, C8: 0,02 Cent, C9: 0,01 Cent.
In Cent gezien is het stemapparaat dus nauwkeuriger naarmate de toonhoogte hoger
wordt. Zie hoofdstuk 28 voor uitleg over Hertz en Cent.
Hoorbare toonhoogteverschillen
Het kleinst hoorbare toonhoogteverschil is
ongeveer 2 Hertz. De nauwkeurigheid van het stemapparaat van 0,05 Hertz is vele
malen beter. Deze hoge nauwkeurigheid is nodig om de zwevingen tussen twee
tongen te meten. Een verschil in zweving van meer dan ongeveer 0,1 Hertz is al
hoorbaar.
Nauwkeurigheid van de gemeten zweving
De nauwkeurigheid van de gemeten zweving is
beter (minder) dan 0,1 Hertz. De minimaal te meten zweving is ongeveer 0,6
Hertz. De maximaal te meten zweving is beperkt doordat beide tonen zich in het
bereik van dezelfde noot moeten bevinden.
Automatische kalibratie
Het stemapparaat maakt voor zijn metingen
gebruik van de geluidskaart. Om eventuele afwijkingen in de geluidskaart te
compenseren voert het stemapparaat een automatische kalibratie uit. Een
handmatige kalibratie zoals die vaak op conventionele stemapparaten mogelijk is
(met een stelschroefje bijvoorbeeld), is niet nodig. De metingen van het
stemapparaat zijn hierdoor altijd nauwkeurig genoeg.
De interne nauwkeurigheid
Het stemapparaat geeft de gemeten afwijkingen
met 1 of 2 decimalen (cijfers achter de komma) weer. Intern rekent het
stemapparaat met 7 decimalen. Vlak voordat een afwijking weergegeven wordt,
wordt het afgerond op 1 of 2 decimalen.
Invloeden van buitenaf
Naast de nauwkeurigheid van het stemapparaat
zelf, moet er rekening gehouden worden met de volgende invloeden van buitenaf:
1.
De toonhoogte van een tong verandert als het accordeon
geopend wordt en verandert weer terug als het accordeon weer gesloten wordt.
2.
De toonhoogte van een tong verandert als het
tongenblok uit het accordeon gehaald wordt en verandert weer terug als het
tongenblok weer teruggezet wordt.
3.
De toonhoogte van een tong gaat omlaag als de
balgdruk omhoog gaat. De hoeveelheid zweving tussen twee tongen verandert
nagenoeg niet omdat beide tongen evenveel omlaag gaan.
Een toon die uit precies één frequentie
bestaat ziet eruit als een sinusgolf:

Hertz
De toonhoogte van een dergelijke toon wordt
uitgedrukt in Hertz: het aantal golven (trillingen) per seconde. In het plaatje
hierboven zijn twee golven weergegeven.
Cent
De noten in de (gelijkzwevende) toonladder
lopen op in frequentie. Elke octaaf bestaat uit 12 noten (semitonen) en komt
overeen met een verdubbeling in frequentie. De A4 is 440 Hz en de A5 is 880 Hz.
Het frequentiebereik (breedte) van een noot is hierdoor groter als de
toonhoogte hoger is. De A4 loopt van 428 tot 453 HZ en de A5 loopt van 855 tot
906 Hz. De breedte van een semitoon is per definitie (altijd) 100 Cent.
De verhouding tussen Cent en Hertz
De breedte van een toon in Hertz neemt toe
naarmate de toonhoogte toeneemt. De breedte van een seminoot in Cent is altijd
100. Het verschil in Cent ∆ tussen twee tonen met frequenties f1 en f2 (in
Hertz) kan op de volgende manier berekend worden:
∆ = 1200 log2 (f1 / f2)
Bij een lineair oplopende verschilfrequentie
(f2 – f1 in Hertz) verloopt het verschil in Cent dus logaritmisch.
De afwijking van een gemeten toon in Cent
Als het stemapparaat een afwijking van een
gemeten toon in Cent weergeeft, dan betekent een afwijking van 0 Cent dat de
toon exact goed is. Als de afwijking -50 Cent is dan zit de gemeten toon
precies midden tussen de voorgaande semitoon en de gewenste toon. Als de
afwijking +50 Cent is dan zit de gemeten toon precies midden tussen de gewenste
toon en de opvolgende semitoon.
Zweving ontstaat wanneer twee tonen met een
klein toonhoogteverschil tegelijk gespeeld worden. De golven van beide tonen
worden dan bij elkaar opgeteld en beïnvloeden elkaar. Op sommige momenten
versterken ze elkaar en op andere momenten verzwakken ze elkaar. In het plaatje
hieronder zijn twee tonen (f1 en f2) met een klein frequentieverschil getekend.
In de onderste golf zijn beide tonen bij elkaar opgeteld (f1 + f2). De
optredende zweving door het afwisselend versterken en verzwakken van het
gezamenlijke signaal is duidelijk zichtbaar. De frequentie van de zweving is
precies gelijk aan het verschil van de twee tonen (f2 – f1).



Zweving van octaven
Door twee tegelijk spelende tonen die ongeveer
een octaaf uit elkaar liggen kan ook zweving ontstaan. In dat geval is de
zweving hoorbaar die ontstaat uit de optelling van het hogere octaaf en de eerste
boventoon van het lagere octaaf. Dit zijn weer, net als bij ‘gewone’ zweving,
twee frequenties die dicht bij elkaar liggen.
De stemming of temperatuur (in het Engels: temperament)
van een toonladder is de manier waarop de frequenties van de muzieknoten
gekozen worden. In de westerse muziek is de gelijkzwevende stemming, ook wel
evenredig zwevende temperatuur genoemd, de meest populaire. Andere stemmingen
zijn bijvoorbeeld: de reine stemming, de stemming van Pythagoras, de
middentoonstemming, de welgetempereerde stemming en de 31-toonstemming.
Het octaaf wordt in 12 ‘evenredig oplopende’
afstanden verdeeld, dat wil zeggen de verhouding van de frequenties van twee
opeenvolgende semitonen is steeds dezelfde (ongeveer 1,0594631). Hierdoor
wijken alle intervallen (secunde, terts, kwart, kwint, sext, septiem), behalve
het octaaf, af van de reine stemming. Ze veroorzaken zweving. Alle gelijknamige
intervallen klinken evenredig vals (ze zweven), vandaar de naam evenredig zwevende
stemming. Voordeel van deze stemming is, dat ze gelijk blijft als op een andere
toonsoort (een aantal semitonen hoger of lager) wordt overgegaan, en er dus
niet opnieuw gestemd hoeft te worden.
Hieronder wordt een overzicht gegeven van de
intervallen en de verschillen van de gelijkzwevende en de reine stemming. De
reine stemming is de manier om een toonladder te construeren waarbij de
verhoudingen uit eenvoudige gehele getallen bestaan. Dit levert muziek op die
als zuiver wordt ervaren.
|
Interval
|
Gelijkzwevend
|
Cent
|
Rein
|
Verschil
|
|
Prime
|
1.000000
|
0
|
1/1 =
1.000000
|
0.00%
|
|
Kleine
secunde
|
1.059463
|
100
|
16/15
= 1.066667
|
-0.68%
|
|
Grote
secunde
|
1.122462
|
200
|
9/8 =
1.125000
|
-0.23%
|
|
Kleine
terts
|
1.189207
|
300
|
6/5 =
1.200000
|
-0.90%
|
|
Grote
terts
|
1.259921
|
400
|
5/4 =
1.250000
|
+0.79%
|
|
Kwart
|
1.334840
|
500
|
4/3 =
1.333333
|
+0.11%
|
|
Overmatige
kwart
|
1.414214
|
600
|
7/5 =
1.400000
|
+1.02%
|
|
Kwint
|
1.498307
|
700
|
3/2 =
1.500000
|
-0.11%
|
|
Kleine
sext
|
1.587401
|
800
|
8/5 =
1.600000
|
-0.79%
|
|
Grote
sext
|
1.681793
|
900
|
5/3 =
1.666667
|
+0.91%
|
|
Kleine
septiem
|
1.781797
|
1000
|
16/9
= 1.777778
|
+0.23%
|
|
Grote
septiem
|
1.887749
|
1100
|
15/8
= 1.875000
|
+0.68%
|
|
Octaaf
|
2.000000
|
1200
|
2/1 =
2.000000
|
0.00%
|

1.
Ingangssignaal - Het huidige gemeten signaal.
Zie hoofdstuk 10.
2.
Equalizer - De geluidsterktes van alle
noten. Zie hoofdstuk 11.
3.
Nootspectrum - Het frequentiespectrum van de
gedetecteerde noot. Zie hoofdstuk 13.
4.
Zwevingslijst - De naam van de
geselecteerde zwevingslijst. Zie hoofdstuk 23.
5.
Nootletter - De gedetecteerde noot.
Zie hoofdstuk 12.
6.
Tongafwijking - Weergave van de afwijking
van de tong in getalvorm. Zie hoofdstuk 14.
7.
Zweving - Weergave van de zweving in
getalvorm. Zie hoofdstuk 14.
8.
Tongafwijkingen - Grafische weergave van de
afwijkingen van de tongen. Zie hoofdstuk 14.

-
Hz / Cent - Wissel tussen Hertz en Cent voor
de zwevingschermen (7). Zie hoofdstuk 9.
-
Record - Opnemen van meerdere noten
starten, rapportagescherm openen. Zie hoofdstuk 25.
-
Sound - De geselecteerde noot afspelen.
Zie hoofdstuk 17.
-
Octave - De geselecteerde noot een
octaaf verhogen of verlagen. Zie hoofdstuk 15.
-
Note - De geselecteerde noot een
semitoon verhogen of verlagen. Zie hoofdstuk 15.
-
Auto - Wissel tussen automatische
detectie of handmatige selectie. Zie hoofdstuk 15.
-
+ - De frequentie van de A4
verhogen. Zie hoofdstuk 19.
-
- - De frequentie van de A4
verlagen. Zie hoofdstuk 19.
-
Menu - Het menu met extra functies
links bovenin het stemapparaat openen.
-
Octaves - Octaven meten. Zie hoofdstuk 21.
-
Chords - Akkoorden meten. Zie hoofdstuk 20.
-
Reeds - Het aantal te meten tongen
instellen. Zie hoofdstuk 9.
-
Freq - De drie frequentieschermpjes
onderin aan of uit zetten.
-
Trans - Transponeren. Zie hoofdstuk 18.
-
Freeze - Het stemapparaat bevriezen. Zie
hoofdstuk 9.
Sneltoetsen op het toetsenbord
-
Pijltje naar links - De geselecteerde
noot een semitoon verlagen. Zie hoofdstuk 15.
-
Pijltje naar rechts - De geselecteerde noot
een semitoon verhogen. Zie hoofdstuk 15.
-
Spatiebalk - Het stemapparaat
bevriezen. Zie hoofdstuk 9.
-
Enter - Een noot opnemen
die (nog) niet gelockt is. Zie hoofdstuk 25.
-
Backspace - De laatst opgenomen
noot verwijderen. Zie hoofdstuk 25.
Klikken op schermen
1.
Klik op het ingangssignaalscherm om het
instellingenscherm te openen. Zie hoofdstuk 22.
2.
Klik op een kolom in de equalizer om een noot te
selecteren in handmatige selectiemode. Zie hoofdstuk 15.
3.
Klik op het scherm met de naam van de zwevingslijst
om het scherm te openen waarin de zwevingslijsten aangemaakt, geladen en
aangepast kunnen worden. Zie hoofdstuk 23.

De tabel op de volgende pagina’s geeft een
overzicht van de frequenties van de noten die door het stemapparaat voor
accordeon worden ondersteund. Dit zijn de noten uit de gelijkzwevende
toonladder.
De tabel bestaat uit de volgende kolommen:
Semitone number - Rangnummer van de
semitoon
Note name - De naam van de noot
Note octave - Het octaaf van de
noot
Note frequency - De frequentie van de
noot uit de toonladder in Hertz.
Note width - De breedte van de
noot in Hertz.
Accuracy - De nauwkeurigheid
van het stemapparaat voor deze noot in Cent.
|
Semitone number
|
Note name
|
Note octave
|
Note frequency (Hz)
|
Note width (Hz)
|
Accuracy (Cent)
|
|
4
|
E
|
0
|
20,6017223
|
1,1906640
|
4,1993
|
|
5
|
F
|
0
|
21,8267645
|
1,2614646
|
3,9636
|
|
6
|
F#
|
0
|
23,1246514
|
1,3364751
|
3,7412
|
|
7
|
G
|
0
|
24,4997147
|
1,4159461
|
3,5312
|
|
8
|
G#
|
0
|
25,9565436
|
1,5001426
|
3,3330
|
|
9
|
A
|
0
|
27,5000000
|
1,5893457
|
3,1459
|
|
10
|
A#
|
0
|
29,1352351
|
1,6838532
|
2,9694
|
|
11
|
B
|
0
|
30,8677063
|
1,7839803
|
2,8027
|
|
12
|
C
|
1
|
32,7031957
|
1,8900613
|
2,6454
|
|
13
|
C#
|
1
|
34,6478289
|
2,0024502
|
2,4969
|
|
14
|
D
|
1
|
36,7080960
|
2,1215220
|
2,3568
|
|
15
|
D#
|
1
|
38,8908730
|
2,2476743
|
2,2245
|
|
16
|
E
|
1
|
41,2034446
|
2,3813280
|
2,0997
|
|
17
|
F
|
1
|
43,6535289
|
2,5229291
|
1,9818
|
|
18
|
F#
|
1
|
46,2493028
|
2,6729503
|
1,8706
|
|
19
|
G
|
1
|
48,9994295
|
2,8318922
|
1,7656
|
|
20
|
G#
|
1
|
51,9130872
|
3,0002853
|
1,6665
|
|
21
|
A
|
1
|
55,0000000
|
3,1786915
|
1,5730
|
|
22
|
A#
|
1
|
58,2704702
|
3,3677063
|
1,4847
|
|
23
|
B
|
1
|
61,7354127
|
3,5679606
|
1,4014
|
|
24
|
C
|
2
|
65,4063913
|
3,7801225
|
1,3227
|
|
25
|
C#
|
2
|
69,2956577
|
4,0049003
|
1,2485
|
|
26
|
D
|
2
|
73,4161920
|
4,2430441
|
1,1784
|
|
27
|
D#
|
2
|
77,7817459
|
4,4953486
|
1,1123
|
|
28
|
E
|
2
|
82,4068892
|
4,7626560
|
1,0498
|
|
29
|
F
|
2
|
87,3070579
|
5,0458582
|
0,9909
|
|
30
|
F#
|
2
|
92,4986057
|
5,3459006
|
0,9353
|
|
31
|
G
|
2
|
97,9988590
|
5,6637844
|
0,8828
|
|
32
|
G#
|
2
|
103,8261744
|
6,0005705
|
0,8333
|
|
33
|
A
|
2
|
110,0000000
|
6,3573830
|
0,7865
|
|
34
|
A#
|
2
|
116,5409404
|
6,7354127
|
0,7423
|
|
35
|
B
|
2
|
123,4708253
|
7,1359211
|
0,7007
|
|
36
|
C
|
3
|
130,8127827
|
7,5602451
|
0,6614
|
|
37
|
C#
|
3
|
138,5913155
|
8,0098007
|
0,6242
|
|
38
|
D
|
3
|
146,8323840
|
8,4860882
|
0,5892
|
|
Semitone number
|
Note name
|
Note octave
|
Note frequency (Hz)
|
Note width (Hz)
|
Accuracy (Cent)
|
|
39
|
D#
|
3
|
155,5634919
|
8,9906972
|
0,5561
|
|
40
|
E
|
3
|
164,8137785
|
9,5253119
|
0,5249
|
|
41
|
F
|
3
|
174,6141157
|
10,0917164
|
0,4955
|
|
42
|
F#
|
3
|
184,9972114
|
10,6918011
|
0,4676
|
|
43
|
G
|
3
|
195,9977180
|
11,3275687
|
0,4414
|
|
44
|
G#
|
3
|
207,6523488
|
12,0011410
|
0,4166
|
|
45
|
A
|
3
|
220,0000000
|
12,7147660
|
0,3932
|
|
46
|
A#
|
3
|
233,0818808
|
13,4708253
|
0,3712
|
|
47
|
B
|
3
|
246,9416506
|
14,2718423
|
0,3503
|
|
48
|
C
|
4
|
261,6255653
|
15,1204902
|
0,3307
|
|
49
|
C#
|
4
|
277,1826310
|
16,0196013
|
0,3121
|
|
50
|
D
|
4
|
293,6647679
|
16,9721764
|
0,2946
|
|
51
|
D#
|
4
|
311,1269837
|
17,9813945
|
0,2781
|
|
52
|
E
|
4
|
329,6275569
|
19,0506239
|
0,2625
|
|
53
|
F
|
4
|
349,2282314
|
20,1834329
|
0,2477
|
|
54
|
F#
|
4
|
369,9944227
|
21,3836023
|
0,2338
|
|
55
|
G
|
4
|
391,9954360
|
22,6551374
|
0,2207
|
|
56
|
G#
|
4
|
415,3046976
|
24,0022820
|
0,2083
|
|
57
|
A
|
4
|
440,0000000
|
25,4295320
|
0,1966
|
|
58
|
A#
|
4
|
466,1637615
|
26,9416506
|
0,1856
|
|
59
|
B
|
4
|
493,8833013
|
28,5436845
|
0,1752
|
|
60
|
C
|
5
|
523,2511306
|
30,2409803
|
0,1653
|
|
61
|
C#
|
5
|
554,3652620
|
32,0392026
|
0,1561
|
|
62
|
D
|
5
|
587,3295358
|
33,9443527
|
0,1473
|
|
63
|
D#
|
5
|
622,2539674
|
35,9627890
|
0,1390
|
|
64
|
E
|
5
|
659,2551138
|
38,1012477
|
0,1312
|
|
65
|
F
|
5
|
698,4564629
|
40,3668658
|
0,1239
|
|
66
|
F#
|
5
|
739,9888454
|
42,7672045
|
0,1169
|
|
67
|
G
|
5
|
783,9908720
|
45,3102749
|
0,1104
|
|
68
|
G#
|
5
|
830,6093952
|
48,0045640
|
0,1042
|
|
69
|
A
|
5
|
880,0000000
|
50,8590639
|
0,0983
|
|
70
|
A#
|
5
|
932,3275230
|
53,8833013
|
0,0928
|
|
71
|
B
|
5
|
987,7666025
|
57,0873691
|
0,0876
|
|
72
|
C
|
6
|
1046,5022612
|
60,4819607
|
0,0827
|
|
73
|
C#
|
6
|
1108,7305239
|
64,0784052
|
0,0780
|
|
74
|
D
|
6
|
1174,6590717
|
67,8887055
|
0,0736
|
|
75
|
D#
|
6
|
1244,5079349
|
71,9255780
|
0,0695
|
|
76
|
E
|
6
|
1318,5102277
|
76,2024954
|
0,0656
|
|
77
|
F
|
6
|
1396,9129257
|
80,7337316
|
0,0619
|
|
78
|
F#
|
6
|
1479,9776908
|
85,5344091
|
0,0585
|
|
79
|
G
|
6
|
1567,9817439
|
90,6205497
|
0,0552
|
|
80
|
G#
|
6
|
1661,2187903
|
96,0091280
|
0,0521
|
|
81
|
A
|
6
|
1760,0000000
|
101,7181279
|
0,0492
|
|
82
|
A#
|
6
|
1864,6550461
|
107,7666025
|
0,0464
|
|
83
|
B
|
6
|
1975,5332050
|
114,1747382
|
0,0438
|
|
84
|
C
|
7
|
2093,0045224
|
120,9639214
|
0,0413
|
|
85
|
C#
|
7
|
2217,4610478
|
128,1568105
|
0,0390
|
|
86
|
D
|
7
|
2349,3181433
|
135,7774110
|
0,0368
|
|
87
|
D#
|
7
|
2489,0158698
|
143,8511560
|
0,0348
|
|
Semitone number
|
Note name
|
Note octave
|
Note frequency (Hz)
|
Note width (Hz)
|
Accuracy (Cent)
|
|
88
|
E
|
7
|
2637,0204553
|
152,4049908
|
0,0328
|
|
89
|
F
|
7
|
2793,8258515
|
161,4674632
|
0,0310
|
|
90
|
F#
|
7
|
2959,9553817
|
171,0688182
|
0,0292
|
|
91
|
G
|
7
|
3135,9634879
|
181,2410995
|
0,0276
|
|
92
|
G#
|
7
|
3322,4375806
|
192,0182561
|
0,0260
|
|
93
|
A
|
7
|
3520,0000000
|
203,4362558
|
0,0246
|
|
94
|
A#
|
7
|
3729,3100921
|
215,5332050
|
0,0232
|
|
95
|
B
|
7
|
3951,0664100
|
228,3494763
|
0,0219
|
|
96
|
C
|
8
|
4186,0090448
|
241,9278428
|
0,0207
|
|
97
|
C#
|
8
|
4434,9220956
|
256,3136209
|
0,0195
|
|
98
|
D
|
8
|
4698,6362867
|
271,5548220
|
0,0184
|
|
99
|
D#
|
8
|
4978,0317396
|
287,7023120
|
0,0174
|
|
100
|
E
|
8
|
5274,0409106
|
304,8099817
|
0,0164
|
|
101
|
F
|
8
|
5587,6517029
|
322,9349264
|
0,0155
|
|
102
|
F#
|
8
|
5919,9107634
|
342,1376364
|
0,0146
|
|
103
|
G
|
8
|
6271,9269757
|
362,4821989
|
0,0138
|
|
104
|
G#
|
8
|
6644,8751613
|
384,0365121
|
0,0130
|
|
105
|
A
|
8
|
7040,0000000
|
406,8725115
|
0,0123
|
|
106
|
A#
|
8
|
7458,6201843
|
431,0664100
|
0,0116
|
|
107
|
B
|
8
|
7902,1328201
|
456,6989527
|
0,0109
|
|
108
|
C
|
9
|
8372,0180896
|
483,8556856
|
0,0103
|
Het stemapparaat draait optimaal op machines
vanaf de Pentium II, 1 GHz. Op minder snelle machines werkt het stemapparaat
ook goed, maar zal langzamer reageren. Het stemapparaat draait onder Windows
2000, XP, Vista en 7 en maakt gebruik van een microfooningang. Zie hoofdstuk 7.
|