Dirk's Projects
English English Español Português Português Italiano
Deutsch Français Nederlands Nederlands Polska  
Svenska Norsk Русский 中国    


 
Download Professioneel stemapparaat voor accordeons
Microsoft WindowsApple OS X

Professioneel stemapparaat voor accordeons


Dit stemapparaat is speciaal ontwikkeld voor het stemmen van instrumenten met doorslaande tongen. Door de vele unieke mogelijkheden van dit stemapparaat, verloopt het stemproces veel sneller. Het is bijvoorbeeld mogelijk om de zweving tussen de tongen te meten. Met de uitbreidingsmodule 'opname en rapportage' is het mogelijk het complete instrument te meten en de resultaten in een overzichtelijk rapport te printen.
Professioneel stemapparaat voor accordeons
$228
Kopen
YouTube NederlandsNederlandsEnglishEnglishDeutschFrançaisPolskaРусскийEspañolItalianoSvenskaPortuguêsPortuguês中国的

Professioneel stemapparaat voor accordeons


Download een printbare pdf versie van deze handleiding

 

 

 

 

 

Handleiding

 

 


 

1.        Dirk’s stemapparaat voor accordeon

Dit stemapparaat is ontwikkeld voor het stemmen van accordeons en soortgelijke ‘free-reed’ (doorslaande tongen) instrumenten zoals de diatonische harmonica, de concertina, het bandoneon, het harmonium, de melodica, het tongenorgel en de mondharmonica. Dirk’s stemapparaat is ontwikkeld voor professionele ervaren stemmers, maar doordat het een goed inzicht in het stemproces geeft is het ook voor beginnende stemmers zeer geschikt.

 

De unieke mogelijkheden van dit stemapparaat vereenvoudigen en versnellen het stemproces aanzienlijk. Het stemapparaat heeft een groot bereik van de E0 tot en met de C9, een zeer hoge nauwkeurigheid van minder dan 0.05 Hz (golven van langer dan 20 seconden) en kan tot drie tongen tegelijk meten. Hierdoor kan de stemming van het accordeon gemeten worden zonder eerst tongen uit te schakelen en de kast te openen. De werkelijke frequenties van de tongen die door elkaar en door de kast worden beïnvloed, kunnen nu gemeten worden. Het is zo een stuk eenvoudiger en sneller uit te zoeken welke tong afwijkt en aandacht nodig heeft. Het stemapparaat meet de zwevingen die ontstaan doordat de tongen samen klinken en geeft deze weer in Cent of Hertz. Zwevingen kunnen niet nauwkeurig genoeg gemeten worden door de tongen afzonderlijk te meten, maar door ze op deze manier tegelijk te meten is de meting wel nauwkeurig genoeg. Zie hoofdstuk 25 voor uitleg over de nauwkeurigheid van het stemapparaat. De gemeten zwevingen worden vergeleken met de zwevingstabel van het desbetreffende accordeon die de gewenste zweving voor elke noot aangeeft. Deze zwevingstabel kan snel en eenvoudig met behulp van een grafiek in het stemapparaat aangemaakt worden.

 

Het stemapparaat kan worden uitgebreid met een module die alle noten van het accordeon snel kan opnemen en opslaan om er vervolgens een rapport van uit te draaien. Dit rapport geeft de afwijking van elke tong in een overzichtelijke tabel. Na het openen van het accordeon kunnen de tongen die te veel afwijken op de stemtafel worden gecorrigeerd met behulp van de waardes uit het rapport. De tongen (die buiten de kast een afwijkende frequentie hebben) zullen na terugplaatsen in het accordeon de juiste frequentie krijgen. Het rapport kan achteraf opnieuw uitgedraaid worden en als stemrapport bij het accordeon gevoegd worden.

 

Ook akkoorden (drie tongen) en octaven (twee of drie tongen in verschillende octaven) kunnen door het stemapparaat gemeten worden waardoor ook hiervoor de kast niet geopend hoeft te worden.

 

Naast de aangegeven basisfuncties bevat het stemapparaat nog vele extra functies zoals:

-          het vergroten tot een volledig scherm voor een duidelijk overzicht.

-          het scherm bevriezen om de getallen en grafieken goed te kunnen onderzoeken.

-          noten met behulp van de geluidskaart laten horen.

-          automatisch of handmatig de te meten noten selecteren.

-          automatische correctie van eventuele afwijkingen in de nauwkeurigheid van de geluidskaart.

-          automatische onderdrukking van ongewenste achtergrondgeluiden en storingen.

 

Het stemapparaat draait op een pc of laptop met een Windows besturingssysteem en werkt zowel met ingebouwde als met extern aangesloten microfoons.


 

Inhoudsopgave

 

1.         Dirk’s stemapparaat voor accordeon. 2

2.         De probeerversie. 4

3.         Uitbreidingsmodules. 4

4.         Een aantal belangrijke termen. 5

5.         Keuze en plaatsing van de microfoon. 7

6.         Het eerste gebruik. 10

7.         Stemmen. 12

8.         Het ingangssignaal 17

9.         De equalizer 17

10.        De gedetecteerde noot 17

11.        Het frequentiespectrum van de gedetecteerde noot 18

12.        De afwijkingen van de tongen. 19

13.        Handmatige selectie van de te stemmen noot 19

14.        Langdurende noten meten. 20

15.        Noten afspelen. 20

16.        Transponeren. 20

17.        De frequentie van de A4 instellen. 21

18.        Akkoorden meten. 21

19.        Octaven meten. 22

20.        Instellingen. 24

21.        Zwevingslijsten. 28

22.        Accordeons stemmen. 35

23.        Accordeons stemmen met de module voor opname en rapportage. 36

24.        Ruisonderdrukking en gevoeligheid. 43

25.        De nauwkeurigheid van het stemapparaat 44

26.        Hertz en Cent 45

27.        Zweving. 46

28.        De gelijkzwevende stemming. 47

29.        Overzicht van de schermen. 48

30.        Overzicht van de knoppen. 49

31.        Sneltoetsen en klikken. 50

32.        Frequentietabel van de noten. 51

33.        Systeemeisen. 54


 

2.        De probeerversie

De probeerversie is bedoeld om een goed idee te krijgen van de mogelijkheden van het stemapparaat. Slechts een deel van de noten uit de toonladder kunnen met deze versie gemeten worden. Het gaat om de volgende noten: E0 F0 G#0 A0 C1 C#1 E1 F1 G#1 A1 C2 C#2 E2 F2 G#2 A2 C3 C#3 E3 F3 G#3 A3 C4 C#4 E4 F4 G#4 A4 C5 C#5 E5 F5 G#5 A5 C6 C#6 E6 F6 G#6 A6 C7 C#7 E7 F7 G#7 A7 C8 C#8 E8 F8 G#8 A8 C9

 

3.        Uitbreidingsmodules

Het stemapparaat kan uitgebreid worden met modules. Deze uitbreidingsmodules voegen extra functionaliteit toe. Op dit moment is er één uitbreidingsmodule verkrijgbaar. Deze module voegt de mogelijkheid toe om alle tonen van het accordeon snel op te kunnen nemen en op te slaan om er vervolgens een rapport van uit te draaien. Controleer de website voor nieuwe uitbreidingsmodules: http://www.dirksprojects.nl


 

4.        Een aantal belangrijke termen

 

•  Frequentie (frequency)
het aantal trillingen per seconde van een toon (toonhoogte).

•  Geluid (sound)
het geheel van trillingen dat door het menselijke oor waargenomen wordt.

•  Toon (tone)
geluid met een constante frequentie.

 

•  Noot (note)
notatie voor een toon met een bepaalde toonhoogte en lengte.

 

•  Toonladder (scale)
oplopende of aflopende reeks van tonen in een vaste volgorde.

 

•  Toonhoogte (pitch)
de waargenomen toonhoogte van een geluid. Dit is de grondtoon.

 

•  Grondtoon (fundamental tone)
de waargenomen toonhoogte van een geluid is die van de grondtoon. De grondtoon is de laagste toon van de tonen waaruit het geluid is opgebouwd.

 

•  Boventoon (overtone)
een toon in een geluid met een hogere frequentie dan de grondtoon. De boventonen van een geluid zijn veelvouden van de grondtoon.

 

•  Zweving (beating)
de zweving in geluid die ontstaat door een gering verschil in toonhoogte van twee tegelijk klinkende tonen.

 

•  Interval (interval)
Het verschil in toonhoogte tussen twee noten.

 

•  Semitoon (semitone)
het kleinste muzikale interval dat gebruikt wordt in de westerse muziek. Een octaaf bestaat uit twaalf semitonen. In een gelijkzwevende toonladder zijn alle semitonen even groot. Bij een piano is het interval tussen twee opeenvolgende witte toetsen, één semitoon als er geen zwarte toets tussen zit. Als er een zwarte toets tussen de witte toetsen zit, dan is het interval tussen de twee witte toetsen twee semitonen. Het interval tussen de witte toetsen en de zwarte is dan één semitoon. Het interval tussen een noot en dezelfde noot met een kruis (bijvoorbeeld C en C#) is altijd één semitoon.

 

•  Octaaf (octave)
het verschil tussen twee tonen waarvan de frequentie van de tweede toon dubbel zo hoog is als die van de eerste.
1 Octaaf = 12 Semitonen.

 

•  Stemming of temperatuur (temperament)
de manier waarop de frequenties van de muzieknoten gekozen worden. In de westerse muziek is de gelijkzwevende stemming de meest populaire. Andere stemmingen zijn bijvoorbeeld: de reine stemming, de stemming van Pythagoras, de middentoonstemming, de welgetempereerde stemming en de 31-toonstemming.

 

•  Chromatische toonladder (chromtic scale)
Een chromatische toonladder is een toonladder die alle twaalf semitonen van het octaaf bevat:
c – c# – d – d# – e – f – f# – g – g# – a – a# – b (de witte en de zwarte toetsen van een piano)

 

•  Halve en hele toonafstanden (half-tone and whole-tone steps)
Een halve toonafstand is gelijk aan een interval van één semitoon zoals het interval tussen twee opeenvolgende witte toetsten van een piano waar geen zwarte toets tussen zit. Een hele toonafstand is gelijk aan een interval van twee semitonen zoals het interval tussen twee opeenvolgende witte toetsen van een piano waar wel een zwarte toets tussen zit.

 

•  Diatonische toonladder (diatonic scale)
Een diatonische toonladder is een toonladder met halve en hele toonafstanden:
C majeur: c – d – e – f – g – a – b (de witte toetsen van een piano of de knoppen van een trekzak)
C mineur: c – d – eb – f – g – ab – bb

 

•  Wisseltonig (bisonoric)
De term ‘Wisseltonig’ wordt gebruikt om aan te geven dat een toets van accordeon-achtig instrument bij dichtgaande en opengaande balg een andere toon geeft. Voorbeelden: bandoneon, trekzak, mondharmonica.

•  Hertz (hertz)
eenheid voor frequentie.
1 Hz = 1 trilling per seconde.

•  Cent (cent)
logaritmische eenheid voor het verschil in toonhoogte ten opzichte van een toon in de toonladder.
1200 Cent = 1 Octaaf.
100 Cent = de afstand tussen 2 opeenvolgende semitonen in een gelijkzwevende toonladder.

 

•  Frequentiespectrum (frequency spectrum)
alle frequenties die voorkomen in een geluid. Het frequentiespectrum kan weergegeven worden in de vorm van een grafiek.

•  Stemtafel (tuning table)
Een (werk)tafel met allerlei voorzieningen om de tongen van een accordeon te kunnen stemmen.

5.        Keuze en plaatsing van de microfoon

 

De nauwkeurigheid van de microfoon

Voor het stemapparaat is alleen de frequentie van het gemeten geluid belangrijk. De geluidsterkte maakt niet uit. De nauwkeurigheid van de gevoeligheid van de microfoon is niet belangrijk. De nauwkeurigheid van de gemeten frequentie is wel belangrijk. Dit is echter bij elke microfoon ruim voldoende.

 

Extern aangesloten of ingebouwd

Een ingebouwde microfoon zoals die in de meeste laptops aanwezig is, is goed bruikbaar, maar vangt meer omgevingsruis op dan een extern op de geluidskaart aangesloten microfoon. De behuizing van de laptop vangt geluiden en trillingen op en geeft deze door aan de microfoon. De ventilator van de laptop is een belangrijke bron van omgevingsruis. Het merendeel van deze ruis wordt door het stemapparaat onderdrukt waardoor de ingebouwde microfoon toch goed werkt. Een ander, veel groter, nadeel van de ingebouwde microfoon is dat deze niet (of moeilijk) goed te positioneren is ten opzichte van het accordeon. Een externe microfoon, die met een draad op de geluidskaart aangesloten wordt, kan eenvoudig op de gewenste locatie geplaatst worden.

 

Dynamisch of condensator

Microfoons zijn ruwweg in twee groepen in te delen: dynamische microfoons en condensatormicrofoons. Er bestaan meer soorten (electret, c-ducer, pzm, kristal, piëzo), maar die worden maar weinig toegepast.

 

 

 

 

Dynamische microfoons en jack plug

 

 

 

 

Condensatormicrofoons, voorversterker en XLR plug

 

 

 

Een dynamische microfoon bestaat uit een membraam die zich in een magnetisch veld bevindt. Geluid laat de membraam trillen in het magnetische veld waardoor een elektrische spanning wordt opgewekt. Dit type microfoon kan zonder voorversterker (en dus ook zonder voeding) rechtstreeks op een geluidskaart aangesloten worden en is meestal voorzien van een zogenaamde jack plug.

 

Een condensatormicrofoon bestaat uit een geleidende membraam die zich vlak bij een vaste, eveneens geleidende, plaat bevindt. Hierdoor ontstaat een condensator waarvan de capaciteit afhankelijk is van de stand van de membraam. Geluid laat de membraam trillen waardoor de capaciteit van de condensator meetrilt. Door een elektrische spanning op de condensator aan te brengen kan de capaciteit, en dus het geluidssignaal, gemeten worden. Deze spanning wordt de fantoomspanning genoemd waarvoor een speciale voorversterker nodig is. Dit type microfoon kan niet rechtstreeks op de geluidskaart aangesloten worden en is meestal voorzien van een zogenaamde XLR plug.

 

De dynamische microfoon is goedkoop en kan rechtstreeks op de geluidskaart aangesloten worden. De condensatormicrofoon is duur en heeft een dure voorversterker met fantoomvoeding nodig. De betere kwaliteit van de condensatormicrofoon zorgt niet voor een betere werking van het stemapparaat. Het stemapparaat werkt prima met beide types maar om bovengenoemde redenen heeft de dynamische microfoon de voorkeur.

 

Plaatsing van de microfoon

De plaatsing van de microfoon ten opzichte van het accordeon bepaalt in grote mate de gevoeligheid van de microfoon voor de te meten tongen in het accordeon. Plaats de microfoon altijd aan die kant van het accordeon waar de te meten tongen zich bevinden. Als de tongen van de diskant gemeten worden dan moet de microfoon aan de kant van het klavier geplaatst worden. Als de tongen van de bassen of de akkoorden gemeten worden dan moet de microfoon aan de baskant van het accordeon geplaatst worden. Als het tongenblok uit het accordeon gehaald is en op de stemtafel gestemd wordt, dan moet de microfoon boven het blok geplaatst worden zodat alle tongen even sterk gemeten kunnen worden. Als twee tongen tegelijk (en even luid) klinken en de microfoon bevind zich op de verkeerde plaats, dan is het goed mogelijk dat één van de twee tongen veel zachter gemeten wordt. Dit zal de nauwkeurigheid van de meting negatief beïnvloeden.

 

De afstand van de microfoon tot het accordeon

Als de microfoon dichter bij het accordeon geplaatst wordt, worden de achtergrondgeluiden, ten opzichte van het te meten geluid, zwakker. Dit komt de meting ten goede. Een afstand van minder dan een halve meter geeft het beste resultaat.

 

Digitale effecten

Sommige microfoons zijn voorzien van software (zogenaamde drivers) die door middel van digitale effecten het geluidssignaal kunnen bewerken. Dit zijn effecten zoals galm, bromfilters, stereoversterking, richtingsgevoeligheid en ruisonderdrukking. Deze effecten vervormen het gemeten geluidssignaal waardoor het stemapparaat niet goed kan functioneren. Deze effecten moeten in de software van de microfoon uitgeschakeld worden. De microfooninstellingen ‘boost’, ‘sensitivity’, ‘volume’, ‘gain’ en ‘balance’ zijn geen probleem.

 

Conclusie

In de praktijk blijkt een eenvoudige dynamische microfoon zoals vaak bij een geluidskaart meegeleverd wordt goed te voldoen. Het frequentiebereik van een dergelijke goedkope microfoon is meestal niet bekend. Vooral voor de lagere tonen kan een kwalitatief betere dynamische microfoon betere resultaten geven. De veel duurdere condensatormicrofoons zijn wel bruikbaar, maar geven geen beter resultaat. Digitale effecten in de microfoonsoftware moeten uitgeschakeld worden.


 

6.        Het eerste gebruik

 

Tooltips

Door met de muis een korte tijd boven een knop of scherm van het stemapparaat te blijven zweven wordt een zogenaamde tooltip weergegeven. Een tooltip is een klein tekstschermpje met uitleg over de desbetreffende knop of scherm.

 

Selecteer de geluidsingang

Om het stemapparaat te kunnen gebruiken is het noodzakelijk om de gewenste geluidsingang te selecteren en in te stellen. Meestal zal dit een microfoon zijn. Bij de eerste keer opstarten van het stemapparaat wordt daarom het instellingenscherm weergegeven.

 

 

In het bovenstaande instellingenscherm is het linker deel van belang voor het selecteren en instellen van de geluidsingang. Bij ‘Select the recording device’ selecteert u de geluidskaart. De verschillende geluidsingangen van de geselecteerde geluidskaart worden bij ‘Select the sound input in the recording device’ opgesomd. Hier selecteert u de te gebruiken geluidsingang.

 

Met de schuif ‘Sensitivity’ wordt de gevoeligheid van de geluidsingang ingesteld. In de grafiek onderin wordt het huidige signaal van de geselecteerde geluidsingang weergeven. Het stemapparaat werkt het beste met een zo sterk mogelijk ingangssignaal, maar om vervorming van het signaal te voorkomen mag het signaal niet helemaal boven of onderin de grafiek terecht komen. Het signaal is dan te sterk en zal de werking van het stemapparaat negatief beïnvloeden. De sterkte van het signaal kan gereduceerd worden door de schuif ‘Sensitivity’ naar links te verschuiven. Als een microfoon is geselecteerd en het signaal erg zwak is kan het vinkje ‘Microphone boost’ aangezet worden om het signaal extra te versterken.

 

Met de schuif ‘Balance’ wordt de balans van een stereo geluidsingang ingesteld. De balans zal meestal in het midden ingesteld moeten worden.

 

De knop ‘Windows Recording Control for the selected device’ start het instellingsscherm van Windows voor de geluidsingangen op. Dit scherm is meestal niet nodig.

 

Een 50 of 60Hz brom in het geluidssignaal kan uitgefilterd worden door het desbetreffende vinkje voor de ‘Hum filters’ aan te zetten. Een dergelijke brom wordt meestal veroorzaakt door de voeding van de computer en vervolgens opgevangen door de microfoon. Het stemapparaat kan de brom detecteren (als de humfilters uit staan) als een G1 (49Hz), een A#1 (58,27Hz) of een B1 (61,74Hz).


 

7.        Stemmen

 

Zorg voor een rustige omgeving

Het stemapparaat verwijdert ongewenste monotone achtergrondgeluiden. Het is echter nagenoeg niet mogelijk om een op de achtergrond spelende accordeon van de gewenste voorgrondgeluiden te onderscheiden. De te stemmen geluiden moeten luider zijn dan de achtergrondgeluiden en de achtergrondgeluiden beïnvloeden de snelheid van het stemapparaat nadelig. Het beste resultaat wordt bereikt in een rustige omgeving met weinig achtergrondgeluiden.

 

Wacht op de initialisatie

Start het stemapparaat op en wacht met spelen tot de tekst ‘Initializing…’ is verdwenen. Vlak na opstarten meet het stemapparaat, ongeveer vijf seconden lang, de achtergrondgeluiden. Als tijdens deze periode een noot gespeeld wordt, zal deze gezien worden als achtergrondgeluid. Vlak na de initialisatie zal deze noot dan niet herkend worden. Als dit is gebeurd, stop dan met spelen van de noot en wacht ongeveer tien seconden alvorens de noot opnieuw te spelen.

 

 

 

Noten, octaven of akkoorden

Kies met behulp van de knoppen ‘Octaves’ en ‘Chords’ wat u wilt stemmen: enkele noten (geen van beide knoppen ingedrukt), octaven (knop ‘Octaves’ ingedrukt) of akkoorden (knop ‘Chords’ ingedrdukt).

 

Selecteer het aantal tongen

Kies het juiste aantal tongen met de 'Reeds' knop. Dit aantal dient overeen te komen met het aantal tongen dat tegelijk klinkt. Als er meer tongen klinken dan ingesteld is, dan zal het stemapparaat de luidste tongen herkennen, maar nooit meer dan ingesteld is. Als de geluidsterkte van de tongen dicht bij elkaar ligt en enigszins varieert dan zullen de, door het stemapparaat herkende tongen, kunnen verspringen en zal de aflezing moeilijk zijn. Als er minder tongen klinken dan ingesteld is, dan bestaat er een kans dat het stemapparaat een toon uit de achtergrondgeluiden herkend. Deze kans is echter klein en als het gebeurd is het niet echt een probleem, maar het maakt de aflezing wel minder duidelijk.

 

 

Plaatsing van de microfoon

De plaatsing van de microfoon ten opzichte van het accordeon bepaalt in grote mate de gevoeligheid van de microfoon voor de te meten tongen in het accordeon. Plaats de microfoon altijd aan die kant van het accordeon waar de te meten tongen zich bevinden. Als de tongen van de diskant gemeten worden dan moet de microfoon aan de kant van het klavier geplaatst worden. Als de tongen van de bassen of de akkoorden gemeten worden dan moet de microfoon aan de baskant van het accordeon geplaatst worden. Als het tongenblok uit het accordeon gehaald is en op de stemtafel gestemd wordt, dan moet de microfoon boven het blok geplaatst worden zodat alle tongen even sterk gemeten kunnen worden. Als twee tongen tegelijk (en even luid) klinken en de microfoon bevind zich op de verkeerde plaats, dan is het goed mogelijk dat één van de twee tongen veel zachter gemeten wordt. Dit zal de nauwkeurigheid van de meting negatief beïnvloeden.

 

De afstand van de microfoon tot het accordeon

Als de microfoon dichter bij het accordeon geplaatst wordt, worden de achtergrondgeluiden, ten opzichte van het te meten geluid, zwakker. Dit komt de meting ten goede. Een afstand van minder dan een halve meter geeft het beste resultaat.

 

Speel de te stemmen noot

Speel de te stemmen noot met een constante balgdruk tot de rode tekst ‘Lock’ verschijnt. De toonhoogte van de tong varieert iets met de balgdruk. Als de balgdruk groter wordt zal de top van de tong verder heen en weer slingeren waardoor de toonhoogte omlaag gaat. Het is daarom van belang om ongeveer met dezelfde balgdruk te stemmen als waar ook mee gespeeld wordt. Zodra de gemeten noot stabiel en nauwkeurig is verschijnt de rode tekst ‘Lock’. Het stemapparaat zal nu niet meer naar een andere noot verspringen zolang de huidige noot speelt.

 

 

 

Houd de noot niet te lang aan

Het stemapparaat verwijdert langdurende monotone achtergrondgeluiden zoals het geluid van een ventilator. Als de te meten noot te lang duurt (ongeveer 30 seconden), zal hij als achtergrondgeluid herkend en verwijderd worden. Stop in dit geval de te meten noot ongeveer vijf seconden alvorens weer verder te meten.

 

Houd de geluidsterkte in de gaten

Als de geluidsterkte te groot is zal het ingangssignaal vervormen, wat de werking van het stemapparaat negatief beïnvloedt. Als dit regelmatig voorkomt, ga dan naar het instellingenscherm (Menu - Settings) en verlaag de gevoeligheid van het ingangssignaal (de schuif ‘Sensitivity’). Het stemapparaat houdt de geluidssterkte in de gaten en geeft de rode tekst ‘Input signal too strong!’ knipperend weer zodra deze te hoog wordt.

 

 

 

Controleer de gedetecteerde noot.

Het stemapparaat geeft de waarde van de gedetecteerde noot weer. Het octaaf van de noot wordt rechtsonder de nootletter weergegeven. De A van 440 Hz zit in octaaf 4 en wordt weergegeven als A4.

 

 

 

Lees de afwijkingen in getalvorm af

De afwijkingen van de gemeten tongen worden door het stemapparaat in getalvorm weergegeven. Deze afwijkingen kunnen ten opzichte van de exacte frequentie uit de toonladder berekend worden. De tongen moeten dan zo gestemd worden dat de gemeten afwijkingen gelijk zijn aan de gewenste zwevingen. De bewegende rode naalden geven dezelfde afwijkingen weer. De afwijkingen kunnen ook ten opzichte van de gewenste zwevingen uit een zwevingslijst berekend worden. De tongen moeten dan zo gestemd worden dat de gemeten afwijkingen allemaal nul zijn. In hoofdstuk 21 wordt uitgelegd hoe zwevingslijsten gebruikt kunnen worden. De manier die gebruikt wordt om de afwijkingen te berekenen is in het instellingenscherm (Menu – Settings) in te stellen.

 

 

 

Lees de afwijkingen met de bewegende naalden af

De afwijkingen van de gemeten tongen worden door het stemapparaat ook door middel van bewegende rode naalden weergegeven. Deze afwijkingen worden ten opzichte van de exacte frequentie uit de toonladder berekend. De schaalverdeling loopt van 50 Cent te laag tot 50 Cent te hoog. Dit is het bereik van één semitoon. De tongen moeten zo gestemd worden dat de gemeten afwijkingen gelijk zijn aan de gewenste zwevingen. De afwijkingen kunnen hier niet ten opzichte van de gewenste zwevingen uit een zwevingslijst berekend worden. De absolute frequenties van de gemeten tongen kunnen in tekstvakjes (in Hertz) weergeven worden. Met de knop ‘Freq’ onderin het stemapparaat kunnen deze vakjes aan en uit gezet worden.

 

 

 

Lees de zwevingen af

De zwevingen van de gemeten tongen worden door het stemapparaat in getalvorm weergegeven. Met de knop ‘Hz/Cent’ wordt gewisseld tussen weergave in Hertz of in Cent.

 

 

 

 

Het stemapparaat bevriezen

Het stemapparaat kan bevroren worden zodat de weergegeven waarden en grafieken bewaard blijven en rustig afgelezen kunnen worden. Het stemapparaat wordt ook bevroren door de spatiebalk van het toetsenbord in te drukken.

 

 

 

 

Het stemapparaat vergroten tot een volledig scherm

Het stemapparaat kan vergroot worden tot een volledig scherm zodat de weergegeven waarden en grafieken, ook op een wat grotere afstand, goed afgelezen kunnen worden.

 

 

8.        Het ingangssignaal

Het geluidssignaal dat het stemapparaat gebruikt voor zijn metingen wordt grafisch weergegeven in een scherm links bovenin het stemapparaat. De mate waarin het signaal op en neer gaat geeft de sterkte van het ingangsgeluid aan. Als het geluid zo sterk wordt dat het niet meer in het scherm zou passen, dan wordt het signaal niet sterker weergegeven zodat het altijd in het scherm past. De naam van de geluidsingang die gekozen is in het instellingenscherm (Menu – Settings) wordt ook in dit scherm weergegeven. U kunt dit scherm gebruiken om te controleren of het ingangssignaal aanwezig is.

 

 

 

9.        De equalizer

Het stemapparaat zet het ingangssignaal om van een tijdsignaal naar een frequentiesignaal. De equalizer geeft de sterkte van de gemeten noten (van E0 t/m C9) grafisch weer in het equalizerscherm. Elk verticaal blauw balkje geeft de sterkte van de desbetreffende noot weer. Hoe sterker de noot in het gemeten signaal hoe hoger het balkje. Als één van de balkjes zo sterk wordt dat het niet meer in het scherm zou passen, dan wordt het signaal niet sterker weergegeven zodat het altijd in het scherm past. In dat geval worden alle noten minder sterk weergegeven zodat de nootsterktes ten opzichte van elkaar blijven kloppen. In dit scherm zijn ook de in het ingangsgeluid aanwezige boventonen zichtbaar. Het stemapparaat doet hier verder niets mee. De sterktes van de achtergrondgeluiden worden per noot weergeven met een klein groen vertikaal streepje. Als het blauwe balkje boven het groene streepje uitsteekt dan herkend het stemapparaat de desbetreffende noot als voorgrondgeluid. Het stemapparaat selecteert de te stemmen noot uit het voorgrondgeluid. De geselecteerde noot wordt gemarkeerd door een donkergroene achtergrond. Bij het stemmen van akkoorden en octaven worden meerdere noten geselecteerd.

 

 

 

10.    De gedetecteerde noot

De gedetecteerde noot wordt als een letter, een octaafnummer en eventueel een kruis weergeven in het nootscherm van het stemapparaat. Links bovenin dit scherm wordt de frequentie van de toon in de toonladder weergegeven. Dit is niet de gemeten frequentie. Onder deze frequentie wordt aangegeven of de noot automatisch of handmatig geselecteerd is. Rechts bovenin wordt de ingestelde frequentie voor de A4 weergeven. Standaard is dit 440.0 Hz. Als de noten worden getransponeerd dan wordt dit onderin dit scherm aangegeven.

 

 

 

11.    Het frequentiespectrum van de gedetecteerde noot

Het verticale blauwe balkje in de equalizer van de gedetecteerde noot beslaat een klein deel van het totale frequentiespectrum (alle blauwe balkjes) van het ingangsgeluid. Het stemapparaat vergroot het frequentiespectrum van dit ene gedetecteerde blauwe balkje en geeft dit grafisch weer in het frequentiespectrumscherm. De horizontale as geeft de frequentie weer en de verticale as geeft de sterkte van de frequenties weer. De rode lijn laat het frequentiespectrum van de gedetecteerde noot zien. De uiteinden van de rode lijn gaan over in witte lijnen. Deze witte lijnen laten een klein deel van de naburige noten zien. De hoge pieken in de rode lijn stellen de gemeten frequenties van het ingangsgeluid weer. Elke klinkende tong van het accordeon veroorzaakt een piek in het frequentiespectrum. De afstand tussen twee pieken bepaalt de frequentie van de waargenomen zweving. Het stemapparaat detecteert de pieken in de rode lijn en markeert deze met blauwe verticale lijnen. Er worden niet meer pieken gedetecteerd dan er tongen ingesteld zijn. Het ingestelde aantal tongen wordt rechts onderin het scherm weergegeven. De verticale donkergroene lijn geeft de frequentie uit de toonladder van de gedetecteerde noot weer. De verticale lichtgroene lijnen geven de gewenste afwijkingen voor de tongen uit de zwevingslijst weer. De afstanden tussen de blauwe en de groene lijnen geven de afwijkingen van de tongen weer. Of er enkele tonen, akkoorden of octaven gemeten worden, wordt links onderin het scherm aangegeven. Rechts bovenin het scherm wordt de gekalibreerde correctiefactor voor de frequenties weergegeven.

 

 

 

 

12.    De afwijkingen van de tongen

De afwijkingen van de tongen worden in getalvorm en met behulp van bewegende rode naalden weergeven. De zwevingen worden berekend en in getalvorm weergegeven. Ook de absolute frequenties van de tongen kunnen in getalvorm weergegeven worden. Zie hoofdstuk 7 Voor uitleg over het aflezen van de afwijkingen en de zwevingen.

 

 

 

 

13.    Handmatige selectie van de te stemmen noot

Als de knop ‘Auto’ ingedrukt is dan selecteert het stemapparaat de te stemmen toon automatisch. Als deze knop niet ingedrukt is dan kan de te stemmen toon handmatig geselecteerd worden. Met de vier knoppen ‘- Note +’ en ‘- Octave +’ kan de geselecteerde noot aangepast worden. Het linker pijltje en rechter pijltje op het toetsenbord kunnen hiervoor ook gebruikt worden. De geselecteerde noot wordt in het equalizerscherm gemarkeerd met een groene achtergrond.

 

Handmatige selectie van de te stemmen noot kan onder andere in de volgende situaties gebruikt worden:

-          In de automatische selectiemode selecteert het stemapparaat de grondtoon van het ingangsgeluid. In de handmatige selectiemode is het mogelijk om één van de andere tonen (bijvoorbeeld een boventoon) te meten.

-          In de handmatige selectiemode reageert het stemapparaat gevoeliger waardoor het mogelijk wordt om zwakkere tonen te meten.

-          In het instellingenscherm (Menu – Settings) is in te stellen dat het stemapparaat, in de handmatige selectiemode, altijd door moet meten, ook als er geen voorgrondgeluid aanwezig is. Op die manier kunnen langdurende geluiden gemeten worden.

-          Als er veel storende achtergrondgeluiden aanwezig zijn, kan het voorkomen dat het stemapparaat, in de automatische selectiemode, af en toe de verkeerde noot selecteert.

 

 

 

14.    Langdurende noten meten

Langdurende noten zullen na ongeveer 30 seconden door het stemapparaat als achtergrondgeluid herkend worden. Deze geluiden zullen dan niet meer automatisch geselecteerd worden. In het instellingenscherm (Menu – Settings) is in te stellen dat het stemapparaat, in de handmatige selectiemode, altijd door moet meten, ook als er geen voorgrondgeluid aanwezig is. Op die manier kunnen langdurende noten en andere achtergrondgeluiden toch gemeten worden.

 

15.    Noten afspelen

In de handmatige selectiemode kan het stemapparaat met behulp van de geluidskaart noten afspelen. Door op de knop ‘Sound’ te klikken wordt tien seconden lang de geselecteerde noot afgespeeld. Het stemapparaat corrigeert de frequentie van de afgespeelde noot aan de hand van de kalibratie die bij opstarten wordt uitgevoerd. Hierdoor heeft de afgespeelde noot geen last van eventuele afwijkingen van de geluidskaart. Het gegenereerde geluid heeft een sinusvorm. De geluidsterkte is sterk afhankelijk van de toonhoogte en de frequentiekarakteristiek van de gebruikte luidsprekers. Zonder basluidspreker zullen de lage tonen (onder de C3) meestal geheel wegvallen.

 

Het afspelen van de noot kan gebruikt worden om de stemming ‘op het gehoor’ te controleren of om de geselecteerde noot op het accordeon snel te vinden. Het is ook een snelle test om te controleren of het stemapparaat functioneert.

 

 

 

16.    Transponeren

Om uw instrument in een andere toon te stemmen dan de standaard C kunt u de knoppen '- Trans +' onderin het stemapparaat gebruiken. Met deze knoppen is de stemming te transponeren naar een andere toon. Onder in het nootscherm wordt aangegeven waar de C van het instrument naartoe getransponeerd wordt. ‘C => C#’ betekent dat wanneer een C# gemeten wordt, dit als een C in het stemapparaat weergegeven wordt. Alle andere tonen worden evenredig mee getransponeerd. Transponeren werkt alleen bij het meten van enkele noten, niet bij het meten van akkoorden of octaven.

 

 

 

17.    De frequentie van de A4 instellen

Om een instrument in een andere toonhoogte te stemmen dan de standaard A=440Hz kunt u de schuif rechts in het stemapparaat gebruiken. Met deze schuif is de frequentie van de A4 aan te passen tussen 430Hz en 450Hz in stappen van 1Hz. Alle andere tonen zullen evenredig mee veranderen. Als de frequentie nog verder aangepast moet worden, is dit mogelijk door de A4 frequentie te combineren met het transponeren van één of meerdere seminoten. Zie hoofdstuk 16. Door te dubbelklikken op de schuif wordt de standaardfrequentie van 440Hz weer ingesteld. Boven in het nootscherm wordt de huidige toonhoogte (frequentie) van de A4 weergeven.

 

Als er met de knop ‘Record’ noten opgenomen zijn dan is het niet mogelijk om de frequentie van de A4 te wijzigen. Om de opgenomen noten met elkaar te kunnen vergelijken moet de A4 frequentie steeds gelijk zijn.

 

 

 

18.    Akkoorden meten

Het stemapparaat kan akkoorden meten die uit drie noten bestaan. De drie noten van het akkoord worden tegelijk gemeten waardoor het stemapparaat in staat is de naam van het akkoord weer te geven zoals: Dm, A, Fsus2 of Edim. Als de knop ‘Chords’ onderin het stemapparaat ingedrukt is, meet het stemapparaat akkoorden.

 

Het stemapparaat selecteert de drie noten van het akkoord uit het ingangsgeluid en markeert deze in het equalizerscherm met een donkergroene achtergrond. De naam van het akkoord wordt in het nootscherm weergegeven. Het frequentiespectrumscherm wordt in drieën opgedeeld zodat de frequentiespectrums van alle drie noten weergegeven kunnen worden. Zie hoofdstuk 9 voor uitleg over het equalizerscherm. Zie hoofdstuk 11 voor uitleg over het frequentiespectrumscherm.

 

 

 

 

De gemeten afwijkingen van de drie tongen worden in getalvorm en met behulp van drie rode naalden weergegeven. Bij de afwijkingen in getalvorm wordt de naam van de desbetreffende noot uit het akkoord in donkergroen weergegeven. De afwijkingen worden ten opzichte van de exacte frequentie uit de toonladder berekend. De schaalverdeling van de schermen met de rode naalden loopt van 30 Cent te laag tot 30 Cent te hoog. De absolute frequenties van de gemeten tongen kunnen in tekstvakjes (in Hertz) weergeven worden. Met de knop ‘Freq’ onderin het stemapparaat kunnen deze vakjes aan en uit gezet worden.

 

 

 

19.    Octaven meten

Het stemapparaat kan twee of drie noten die een octaaf uit elkaar liggen tegelijk meten. De octaven moeten opvolgend zijn, er kunnen geen octaven overgeslagen worden. Als de octaven niet opvolgend zijn dan kunnen deze noten gemeten worden met behulp van de handmatige selectiemode. Zie hoofdstuk 13 voor uitleg hierover. Als de knop ‘Octaves’ onderin het stemapparaat ingedrukt is, meet het stemapparaat octaven.

 

Met de knop ‘Reeds’ onderin het stemapparaat wordt ingesteld of er 2 of 3 noten gemeten worden. Het ingestelde aantal noten wordt rechts onderin het frequentiespectrumscherm weergegeven. Het stemapparaat selecteert de noten in de opeenvolgende octaven uit het ingangsgeluid en markeert deze in het equalizerscherm met een donkergroene achtergrond. De naam van de noot en het octaafnummer van de laagste noot worden in het nootscherm weergegeven. Het frequentiespectrumscherm wordt in drieën opgedeeld zodat de frequentiespectrums van drie noten weergegeven kunnen worden. Zie hoofdstuk 9 voor uitleg over het equalizerscherm. Zie hoofdstuk 11 voor uitleg over het frequentiespectrumscherm.

 

 

 

 

De gemeten afwijkingen van de tongen worden in getalvorm en met behulp van de rode naalden weergegeven. Bij de afwijkingen in getalvorm worden de naam van de desbetreffende noot en het octaafnummer in donkergroen weergegeven. De afwijkingen worden ten opzichte van de exacte frequentie uit de toonladder berekend. De schaalverdeling van de schermen met de rode naalden loopt van 30 Cent te laag tot 30 Cent te hoog. De absolute frequenties van de gemeten tongen kunnen in tekstvakjes (in Hertz) weergeven worden. Met de knop ‘Freq’ onderin het stemapparaat kunnen deze vakjes aan en uit gezet worden.

 

Bij noten in verschillende octaven is de zweving waarneembaar die ontstaat tussen de boventonen van de lagere octaven en de hogere octaven. Deze zweving (Beating) wordt door het stemapparaat gemeten en weergegeven in Hertz of in Cent. Met de knop ‘Hz/Cent’ bovenin het stemapparaat kan gewisseld worden tussen Hertz en Cent. In het geval van Cent, wordt de zweving berekend ten opzichte van het hogere octaaf.

 

 


 

20.    Instellingen

Het instellingenscherm kan geopend worden door op de knop ‘Menu’ onderin het stemapparaat te klikken. Links bovenin het stemapparaat verschijnt dan een menu waarin de optie ‘Settings…’ gekozen moet worden. Het instellingenscherm kan ook geopend worden door op het scherm met het ingangssignaal links bovenin het stemapparaat te klikken.

 

 

 

 


De geluidsingang kiezen

In het onderstaande instellingenscherm is het linker deel van belang voor het selecteren en instellen van de geluidsingang. Zie hoofdstuk 6 voor uitleg over hoe de gewenste geluidsingang te selecteren en in te stellen.

 

Een onderdeel van Windows mixers is ‘Windows Recording Control’. Dit is de plek in Windows waar de geluidsingang geselecteerd en ingesteld wordt. Het instellingenscherm van het stemapparaat doet hetzelfde waardoor de Windows instellingen niet nodig zijn. Door op de knop ‘Windows Recording Control for the selected device’ te drukken wordt het instellingenscherm van Windows, voor de in het stemapparaat geselecteerde geluidskaart, geopend.

 

Het plaatje op het hoofdscherm kiezen

Rechts bovenin bij ‘Select the main screen image’ wordt het instrument gekozen dat in het midden van het stemapparaat afgebeeld wordt.

 

Hoe de afwijkingen berekend worden

Rechts in het midden bij ‘Select how to display the error values’ wordt gekozen hoe de gemeten afwijkingen van de tongen weergegeven worden. Er zijn twee opties:

1.       ‘Display error values with respect to the straight pitch from the scale’.
Bij deze optie wordt de afwijking van de tong berekend ten opzichte van de exacte frequentie van de noot in de toonladder. Dit betekent dat, tijdens het stemmen, de door het stemapparaat weergegeven afwijkingen gelijk moeten worden aan de gewenste zwevingen.

2.       ‘Display error values with respect to the desired pitch from the beating list’.
Bij deze optie wordt de afwijking van de tong berekend ten opzichte van de gewenste waarde uit de zwevingslijst. Dit betekent dat, tijdens het stemmen, de door het stemapparaat weergegeven afwijkingen allemaal gelijk aan nul moeten worden.

 

De uitgebreide tooltips uitschakelen

Als de muiscursor een korte periode boven een tool (knop, schuif, vinkje, tekst, etc.) zweeft, dan wordt een zogenaamde tooltip weergegeven. Een tooltip is een scherm met helptekst dat voor het stemapparaat verschijnt. Deze helpteksten geven belangrijke informatie over de werking van het stemapparaat en zijn daarom zeer nuttig. Voor de ervaren gebruiker, die deze informatie niet meer nodig heeft, zijn de tooltips echter vervelend omdat ze een deel van het stemapparaat bedekken. Door de instelling ‘Disable large tooltips’ aan te zetten worden de meeste tooltips uitgeschakeld.

 

Constant blijven bijwerken (meten) in de handmatige selectiemode

De gemeten waardes en grafieken worden bijgewerkt als het stemapparaat voorgrondgeluid herkend. Achtergrondgeluiden worden niet gemeten. Voorgrondgeluiden die lang (ongeveer 30 seconden) duren worden ook als achtergrondgeluid gezien. Hierdoor is het niet mogelijk om geluiden over een lange periode te blijven meten. Door de instelling ‘Update coninuously in manual note detection mode’ rechts in het midden aan te zetten blijft het stemapparaat in de handmatige selectiemode de gemeten waardes en grafieken continu bijwerken. Dit werkt niet als het stemapparaat meerdere noten aan het opnemen is. Zie hoofdstuk 14 voor uitleg over het meten van langdurende noten.

 

Stoppen met bijwerken (meten) nadat de noot gelockt is.

Als een gedetecteerde noot gelockt is dan blijft het stemapparaat doorgaan met het bijwerken van de gemeten waardes en grafieken. Door de instelling ‘Stop updating after lock’ rechts in het midden aan te zetten stopt het stemapparaat met bijwerken nadat de noot gelockt is.

 

Lijsten met gewenste zwevingen

Het stemapparaat kan gebruik maken van zwevinglijsten. Dit zijn lijsten die de gewenste zweving per noot aangeven. Door op de knop ‘Edit desired beating values …’ rechts onderin te drukken wordt het scherm geopend waarmee de zwevingslijsten aangemaakt, bekeken, geladen en opgeslagen kunnen worden. De tekst boven deze knop geeft de huidig geselecteerde zwevingslijst weer. In hoofdstuk 21 wordt de werking van de zwevinglijsten uitgelegd.


21.    Zwevingslijsten

Accordeons hebben meestal meerdere tongen per noot. De verschillende tongen zijn enigszins anders gestemd waardoor een karakteristieke zweving ontstaat. Hoe verder de toonhoogte van de gelijktijdig klinkende tongen uit elkaar ligt, hoe sneller de zweving. De hoeveelheid zweving is per noot verschillend. Deze wordt meestal groter (in Hertz) naarmate de noten hoger worden. De verdeling van de hoeveelheid zweving over de noten van het accordeon is per type accordeon anders en wordt vastgelegd in zogenaamde zwevingslijsten (beating lists). Elk type accordeon heeft zijn eigen karakteristieke zwevingslijst. Deze zwevingslijsten kunnen met het stemapparaat aangemaakt worden. Tijdens het stemmen geeft het stemapparaat de gewenste zwevingen voor de tongen van de te stemmen noot weer. Het stemapparaat kan de gemeten afwijking van een tong weergeven ten opzichte van de gewenste afwijking uit de zwevingslijst. Zie hoofdstuk 20, paragraaf ‘Hoe de afwijkingen berekend worden’ voor uitleg over deze instelling.

 

De gemeten afwijkingen ten opzichte van de gewenste waarde uit de zwevingslijst

In het voorbeeld hieronder geeft het stemapparaat de gemeten afwijkingen weer ten opzichte van de gewenste afwijking uit de zwevingslijst. Het stemapparaat pakt de gewenste afwijkingen voor de tongen van de te stemmen noot uit de zwevingslijst en geeft deze in donkergroen weer, vlak onder de witte waarde van de gemeten afwijking van de desbetreffende tong. Voor tong 1 (Reed 1) is de gewenste afwijking uit de zwevingslijst in dit geval -14,9 Cent. De witte waarde +2,0 Cent geeft aan dat de tong nog 2,0 Cent te hoog is. De afwijking ten opzichte van de exacte waarde uit de toonladder is dus -14,9 + 2,0 = -12,9 Cent. De rode naalden onderin geven altijd de afwijkingen van de tongen ten opzichte van de exacte waarde uit de toonladder. De linker rode naald geeft inderdaad ongeveer -12,9 Cent aan. Een tong heeft op deze manier de gewenste waarde als de witte gemeten waarde nul aangeeft. Dit geldt voor elke tong en voor elke noot.


 

De gemeten zwevingen ten opzichte van de gewenste zweving uit de zwevingslijst

De afwijking van een tong mag een paar Cent zijn. Dit is door het menselijke oor niet waar te nemen. De zweving tussen twee tongen is echter veel nauwkeuriger waar te nemen. De afstand tussen de toonhoogtes van twee tongen moet daarom nauwkeuriger gestemd worden dan de tongen afzonderlijk. Als de afwijkingen van beide tongen evenveel te hoog of te laag zijn, is de zweving toch goed. Met het stemapparaat is het mogelijk de afwijking van de zweving te meten en deze waarde te gebruiken om de tongen bij te stemmen.

 

In het voorbeeld hieronder geeft het stemapparaat de gemeten afwijkingen weer ten opzichte van de gewenste afwijking uit de zwevingslijst. Het stemapparaat pakt de gewenste zweving tussen de tongen van de te stemmen noot uit de zwevingslijst en geeft deze in donkergroen weer, vlak onder de witte waarde van de gemeten afwijking van de zweving. Voor de zweving tussen tong 1 (Reed 1) en tong 2 (Reed 2) is de gewenste afwijking uit de zwevingslijst in dit geval 2,36 Hertz. De witte waarde -1,04 Hertz geeft aan dat de gemeten zweving nog 1,04 Hertz te laag is. De tekstvakjes onderin bij de rode naalden geven de absolute frequenties van de gemeten tongen in Hertz weer. Het verschil tussen de linker twee frequenties is 260,89 – 259,58 = 1,31 Hertz. Dit is inderdaad 1,04 Hertz (2,36 – 1,31) te laag. De zweving heeft op deze manier de gewenste waarde als de witte gemeten waarde nul aangeeft.

 

 

 

Zwevinglijsten aanmaken

Het scherm waarin de zwevingslijsten aangemaakt kunnen worden, kan op twee manier geopend worden:

1.       Vanuit het instellingenscherm (Menu – Settings …) op de knop ‘Edit desired beating values ...’ drukkken.

2.       In het stemapparaat op de tekst onder de afbeelding van het accordeon klikken.

 

 

 

 

Zwevingslijsten kunnen met het stemapparaat door middel van een tabel eenvoudig aangemaakt worden. Er hoeven maar een paar zwevingswaarden ingevuld te worden. In de zwevingstabel hieronder zijn alle noten (E0 t/m C9) aanwezig. In de kolom ‘Btng’ moeten bij een aantal noten de gewenste zwevingen ingevuld worden. De waarde kan ingevuld worden door op de gewenste regel in de tabel te klikken en de waarde met het toetsenbord in te typen. De waarde kan aangepast worden door op de aan te passen waarde te klikken en op ‘Enter’ te drukken. De overige kolommen ‘Rd 1’, ‘Rd 2’ en ‘Rd 3’ worden automatisch aan de hand van de kolom ‘Btng’ berekend en ingevuld. De zwevingswaarden voor niet ingevulde noten worden berekend (geïnterpoleerd en geëxtrapoleerd) aan de hand van de noten die wel ingevuld zijn. Of deze interpolaties en extrapolaties berekend moeten worden of niet is in te stellen door de drie vinkjes midden bovenin het scherm. Midden onderin het scherm kan gekozen worden welke van de drie tongen op de exacte waarde uit de toonladder (afwijking = 0) gestemd moet worden. De zwevingstabel kan in Cent of in Hertz ingevuld worden. Dit is links onderin het scherm in te stellen. Zie hoofdstuk 26 voor uitleg over Cent en Hertz.

 

 

 

Een grafisch overzicht van de zwevingslijst

De zwevingslijst wordt rechts in het scherm door middel van een grafisch overzicht weergegeven. De kolommen stellen de noten voor. Per noot worden de gewenste afwijkingen van de tongen als horizontale streepjes weergegeven. Tong 1 is rood, tong 2 is geel en tong 3 is blauw. Rechtsboven de grafiek wordt de maximale waarde van de schaalverdeling (Max scale) weergegeven. Dit is de waarde helemaal bovenin de grafiek. In het midden bevindt zich de nullijn en helemaal onderin is de waarde ook maximaal maar dan negatief. Door op een noot (kolom) te klikken wordt die noot gemarkeerd met een donkergroene achtergrond en wordt tegelijkertijd dezelfde noot geselecteerd in de tabel links in het scherm. Andersom verandert ook de gemarkeerde noot in het grafische overzicht als in de tabel een andere noot geselecteerd wordt. Door met de muiscursor even boven een noot in het grafische overzicht te blijven zweven, wordt een tooltip weergeven met de desbetreffende nootnaam en bijbehorende toonhoogte en Hertz.

 

Door op de knop ‘View in Cent’ te klikken wordt het grafische overzicht in Cent weergeven in plaats van in Hertz. De zwevingswaarden veranderen hier niet door, maar de lijnen in de grafiek zien er anders uit doordat de waardes in Cent relatief zijn ten opzichte van de toonhoogtes van de desbetreffende noten. Hiervan is hieronder ook een schermafdruk gegeven. Als de zwevingslijst in Cent is ingevuld veranderd deze knop in ‘View in Hertz’ en draait de werking om.

 

 

 

 

 

De zwevingslijst bepalen aan de hand van de opgenomen noten

De zwevingslijst van een accordeon is vaak niet bekend. De zwevingslijst kan dan meestal eenvoudig bepaald worden door eerst alle noten van het accordeon op te nemen en daarna in het scherm voor de zwevingslijsten een zwevingslijst aanmaken door de tabel in te vullen. Door de knop ‘Show recorded’ in te drukken worden ook de opgenomen afwijkingen van de tongen in het grafische overzicht weergegeven. Dit kan alleen als de module voor opname en rapportage in het stemapparaat aanwezig is. De lijnen in het grafische overzicht van de gewenste zwevingen kunnen nu zo aangepast worden (door de waarden in de tabel aan te passen) dat ze zo goed mogelijk door de gemeten afwijkingen heen lopen. Zie hoofdstuk 23 voor uitleg over het opnemen van de noten.

 

 

 

Asymmetrische zwevingslijsten

Standaard worden de zwevingen symmetrisch berekend. Dat wil zeggen dat de zweving tussen de eerste en de tweede tong even groot is als de zweving tussen de tweede en de derde tong. Door een percentage in te vullen in het invulvak ‘Asymmetricity’, wordt de zweving tussen de tweede en de derde tong verhoogt met dit percentage van de zweving tussen de eerste en de tweede tong. Dit is te zien in de schermafdruk hieronder.

 

Missende delen in de lijnen van het grafische overzicht

In de schermafdruk hieronder valt op dat een deel van de blauwe lijn mist. De blauwe lijn geeft de zwevingen in Hertz weer. Als de zwevingen in Cent weergegeven worden (zoals in de tweede schermafdruk hieronder) valt op dat in dit deel van de blauwe lijn de zwevingen groter zijn dan 50 Cent. Dergelijke grote zwevingen zijn niet realistisch en worden door het stemapparaat niet ondersteund.

 

 

 

 

 

 

Zwevingslijsten opslaan en inladen

Om de zwevingslijst te kunnen gebruiken moet hij eerst een naam krijgen. Type de gewenste naam in het tekstvak bij ‘Description’ in. Zwevingslijsten kunnen als .btg bestand opgeslagen worden en later weer ingeladen worden. Gebruik de knop ‘Save …’ om de zwevingslijst op te slaan en de knop ‘Load …’ om een zwevingslijst in te laden.

 

 

 

Met het onderstaande scherm wordt een zwevingslijst ingeladen.

 


 

22.    Accordeons stemmen

 

De juiste toonhoogte meten

De toonhoogte van een tong verandert enigszins als het accordeon open (of dicht) gemaakt wordt. Ook als het tongenblok uit het accordeon gehaald wordt (of er ingezet wordt), veranderd de toonhoogte. Als een tong buiten het accordeon wordt gestemd dan moet er rekening gehouden worden met deze verandering in toonhoogte. Als de tong daarna in het accordeon terug wordt geplaatst en het accordeon weer dicht zit, dan moet de toonhoogte precies goed zijn. Om de uiteindelijke toonhoogte van een tong te controleren moet deze gemeten worden terwijl de tong weer in het dichte accordeon zit.

 

Meerdere tongen tegelijk meten

Wanneer een conventioneel stemapparaat gebruikt wordt, mag er bij het meten maar één tong tegelijk spelen. Bij veel accordeons spelen, bij het indrukken van een toets, meerdere tongen tegelijk. Als het accordeon geen knoppen heeft waarmee de desbetreffende tongen uitgeschakeld kunnen worden, moet het accordeon eerst opengemaakt worden om die tongen uit te schakelen. Daarna moet het accordeon weer dicht gemaakt worden om de toonhoogte te kunnen meten. Met Dirk’s stemapparaat voor accordeon kunnen meerdere tongen (maximaal drie), die tegelijk spelen, gemeten worden waardoor het niet nodig is om het accordeon open te maken en de tongen uit te schakelen.

 

Het conventionele stemproces

Om het stemproces efficiënt uit te voeren worden meestal de volgende stappen uitgevoerd:

1.       Het accordeon openmaken.

2.       De nodige tongen uitschakelen.

3.       Het accordeon dichtmaken.

4.       Alle noten één voor één meten en de gemeten waarden opschrijven.

5.       Stappen 1 tot en met 4 herhalen tot alle tongen gemeten zijn.

6.       Alle gemeten waarden vergelijken met de gewenste waarden en het verschil uitrekenen en opschrijven. Van alle tongen zijn nu de afwijkingen bekend.

7.       Het accordeon openmaken.

8.       De tongenblokken uit het accordeon halen.

9.       Aan de hand van de opgeschreven afwijkingen, de nodige tongen bijstemmen.

10.   De zwevingen op het gehoor bijstemmen.

11.   De tongenblokken weer in het accordeon monteren.

12.   Herhaal stap 2 tot en met 6 om de gestemde tongen te controleren.

 

Het stemproces met Dirk’s stemapparaat voor accordeon

1.       Alle noten één voor één meten en de afwijkingen ten opzichte van de gewenste waarden (en de zwevingen) opschrijven.

2.       Het accordeon openmaken.

3.       De tongenblokken uit het accordeon halen.

4.       Aan de hand van de opgeschreven afwijkingen, de nodige tongen (inclusief de zwevingen) bijstemmen.

5.       De tongenblokken weer in het accordeon monteren en het accordeon dichtmaken.

6.       Herhaal stap 1 om de gestemde tongen te controleren.

 

Het stemproces met de module voor opname en rapportage

Met de module voor opname en rapportage zijn dezelfde stappen nodig, maar hoeft er niks meer opgeschreven te worden en kan een stemrapport geprint worden.

 

23.    Accordeons stemmen met de module voor opname en rapportage

Het stemapparaat kan worden uitgebreid met een module die alle noten van het accordeon snel kan opnemen en opslaan om er vervolgens een rapport van uit te draaien. Dit rapport geeft de afwijking van elke tong in een overzichtelijke tabel. Na het openen van het accordeon kunnen de tongen die te veel afwijken op de stemtafel worden gecorrigeerd met behulp van de waardes uit het rapport. De tongen die buiten de kast een afwijkende frequentie hebben zullen na terugplaatsen in het accordeon de juiste frequentie krijgen. Het rapport kan achteraf opnieuw uitgedraaid worden en als stemrapport bij het accordeon gevoegd worden. Zie hoofdstuk 22 voor uitleg over het stemmen van een accordeon. Met de module voor opname en rapportage wordt ook de mogelijkheid gegeven om (onbekende) zwevingslijsten van bestaande accordeons te maken. Zie hoofdstuk 21 voor uitleg over het aanmaken van zwevingslijsten.

 

De noten opnemen

Door op de knop ‘Record’ te drukken wordt de opnamemode van het stemapparaat ingeschakeld. De opnamemode werkt alleen wanneer enkele noten gemeten worden. Akkoorden en octaven kunnen niet opgenomen worden. In de opnamemode wordt het raster op de achtergrond van de equalizer rood en verschijnt er een rode balk als cursor links in de equalizer. Zodra het stemapparaat een stabiele en nauwkeurige noot meet, worden de gemeten afwijkingen van de tongen in het vakje van de rode cursor opgeslagen. In het nootscherm verschijnt dan het rode woord ‘Recorded’ links onder de nootletter. De rode cursor schuift dan één vakje op naar rechts. Na een korte periode van stilte kan de volgende noot opgenomen worden. Opgenomen noten kunnen met de ‘Backspace’ van het toetsenbord weer verwijderd worden. Als alle noten verwijderd zijn dan wordt de opnamemode weer uitgeschakeld. Door even met de muiscursor boven een vakje met opgeslagen afwijkingen te zweven verschijnt er een tooltip met informatie over de opgeslagen noot, de afwijkingen en de zwevingen. Het is mogelijk om dezelfde noot meerdere keren op te nemen zoals bij de meeste diatonische harmonica’s nodig is. In de schermafdruk hieronder zijn een aantal noten opgenomen met twee tongen (horizontale rode en gele streepjes) per noot.

 

 

 

Het overzicht van de opgenomen noten

Het overzicht van de opgenomen noten (de stemming) wordt geopend door de knop ‘Record’ weer uit te drukken. Het overzicht kan ook geopend worden langs ‘Menu – Opname en rapportage …’. De schermafdruk hieronder geeft een overzicht van een diatonische harmonica met twee tongen per noot. Instrumenten met 3 tongen per noot is ook mogelijk. In het bovenste tekstvak ‘Tuning description’ moet een omschrijving van de stemming gegeven worden. Deze omschrijving wordt gebruikt in het stemrapport. In de tabel worden alle opgenomen noten opgesomd.

 

De gegevens over de tongen

De gegevens over de tongen staan gegroepeerd per tong onder de koppen ‘Reed 1’, ‘Reed 2’ en ‘Reed 3’. De kolommen voor de tongen die niet opgenomen zijn blijven leeg. Het gaat om de volgende kolommen:

Note  -  De naam van de opgenomen noot. De volgorden van de opgenomen noten in de tabel is gelijk aan de volgorde waarin de noten opgenomen zijn. Dezelfde noot kan meerdere keren voorkomen.

Curr   -  De huidige (current) gemeten afwijking van de tong in Cent ten opzichte van de exacte toonhoogte uit de toonladder.

Goal  -  De gewenste afwijking voor de tong uit de zwevingslijst in Cent.

Error  -  De fout (error) in Cent die de tong naast de gewenste afwijking zit.

 

De gegevens over de zwevingen

De gegevens over de zwevingen staan gegroepeerd per tongenpaar onder de koppen ‘Beating 1-2’ en ‘Beating 2-3’. De kolommen voor de zwevingen die niet opgenomen zijn blijven leeg. Rechtsonder de tabel wordt gekozen of de waardes in deze kolommen in Cent of in Hertz weer worden gegeven. Het gaat om de volgende kolommen:

Curr   -  De huidige (current) gemeten zweving.

Goal  -  De gewenste zweving.

Error  -  De fout (error) in de zweving.

 

De opgenomen afwijkingen aanpassen

De waardes in de ‘Curr’ kolommen van de tongen kunnen hier handmatig aangepast worden door op de desbetreffende waarde te klikken en op de knop ‘Enter’ van het toetsenbord te drukken. Als een waarde aangepast is, worden de andere waarden van dezelfde noot opnieuw berekend.

 

Stoppen met opnemen

Als dit scherm met de opgenomen stemming wordt afsloten met het rode kruisje dan blijft het stemapparaat doorgaan met opnemen. Opnemen wordt gestopt als er geen opgenomen noten meer zijn. Door op de knop ‘Clear’ te drukken worden alle opgenomen noten verwijderd. Als daarna dit scherm met de opgenomen stemming wordt afgesloten dan neemt het stemapparaat niet meer op.

 

 

 

Het grafische overzicht van de opgenomen afwijkingen

Het grafische overzicht van de opgenomen afwijkingen ‘Graphical overview of the recorded tuning errors’ geeft de afwijkingen van de tongen per noot weer, waarbij de noten gesorteerd zijn van links naar rechts van de E0 tot en met de C9. De noten die meerdere keren opgenomen zijn vallen in dezelfde kolom en worden daar allemaal weergegeven. De verschillende rode, gele en blauwe streepjes zijn dan niet duidelijk van elkaar te onderscheiden. Door even met de muiscursor boven een kolom met opgenomen noten te zweven, verschijnt een tooltip met gegeven over de noot (naam en frequentie), de afwijkingen van de tongen en de zwevingen. Als de desbetreffende noot meerdere keren is opgenomen dan wordt dit rijtje met gegevens meerdere keren in de tooltip weergegeven. Rechtsboven de grafiek wordt de maximale waarde van de schaalverdeling (Max scale) weergegeven. Dit is de waarde helemaal bovenin de grafiek. In het midden bevindt zich de nullijn en helemaal onderin is de waarde ook maximaal maar dan negatief. Door op de kolom te klikken wordt de kolom gemarkeerd door een donkergroene achtergrond en wordt de overeenkomstige regel in de tabel geselecteerd. Als de desbetreffende noot meerdere keren is opgenomen dan kunnen de overeenkomstige regels in de tabel één voor één geselecteerd worden door meerdere keren op de kolom in het grafische overzicht te klikken.

 

 

 

 

Opgenomen stemmingen opslaan en inladen

Om de opgenomen stemming te kunnen gebruiken moet hij eerst een naam krijgen. Type de gewenste naam in het tekstvak bovenin het scherm bij ‘Tuning description’ in. Opgenomen stemmingen kunnen als .tun bestand opgeslagen worden en later weer ingeladen worden. Gebruik de knop ‘Save …’ om de opgenomen stemming op te slaan en de knop ‘Load …’ om een eerder opgenomen stemming in te laden.

 

 

 

Met het onderstaande scherm wordt een eerder opgenomen stemming ingeladen.

 

 

 

De zwevinglijst aanpassen

Met de knop ‘Edit desired beating values …’ wordt het scherm geopend waarmee de zwevingslijst geladen en aangepast kan worden.

 

 

 

De gewenste zwevingen laten zien

De gewenste afwijkingen uit de huidige zwevingslijst kunnen in het grafische overzicht getoond worden door de knop ‘Show beating values’ in te drukken.

 

 

 

Stemrapporten maken

Van de opgenomen stemming kan een rapport gemaakt worden. Dit rapport geeft de afwijking van elke tong in een overzichtelijke tabel. Na het openen van het accordeon kunnen de tongen die te veel afwijken op de stemtafel worden gecorrigeerd met behulp van de waardes uit het rapport. De tongen die buiten de kast een afwijkende frequentie hebben zullen na terugplaatsen in het accordeon de juiste frequentie krijgen. Het rapport kan achteraf opnieuw uitgedraaid worden en als stemrapport bij het accordeon gevoegd worden. Door op de knop ‘Report …’ te drukken wordt het scherm geopend waarmee een stemrapport gemaakt kan worden. Zie hoofdstuk 22 voor uitleg over het stemmen van een accordeon.

 

 

 

Met het onderstaande scherm kan een stemrapport gemaakt worden. De gegevens die naast de gemeten afwijkingen en de zwevingen in het rapport komen te staan moeten hier ingevuld worden. De bedrijfsgegevens zoals naam, adres en woonplaats van de stemmer kunnen in het tekstvak ‘Company info’ ingevuld worden. De website van de stemmer (URL) kan in het tekstvak ‘Company website’ ingevuld worden. Om de URL te testen kan de website geopend worden door op de knop ‘Go’ te drukken. Het logo van de stemmer kan ingeladen worden met de knop ‘Load logo’. De volgende formaten worden ondersteund: bmp, gif, jpg en wmf. Bij ‘Report date’ kan de datum die op het rapport komt te staan aangepast worden. Als alle informatie is ingevoerd kan het stemrapport aangemaakt worden met de knop ‘Create tuning report’.

 

 

 

Het stemrapport wordt opgeslagen als een XML bestand. Met het scherm hieronder wordt het pad gekozen, de bestandsnaam ingevuld en het bestand opgeslagen met de knop ‘Save’. In hetzelfde pad als het XML bestand wordt ook een XSL bestand opgeslagen. Dit XSL bestand is nodig om het stemrapport (het XML bestand) met een internetbrowser in te kunnen zien. Zorg ervoor dat beide bestanden bij elkaar blijven als het stemrapport naar een andere plek gekopieerd wordt.

 

 

Het stemrapport inzien en uitprinten

Zodra het stemrapport opgeslagen is wordt het in de internetbrowser geopend. Het stemrapport is later opnieuw in te zien door het op te zoeken met de Windows verkenner en dan op het XML bestand te dubbelklikken. Het stemrapport kan uitgeprint worden met de printfunctie van de internetbrowser. Hieronder wordt een voorbeeld gegeven van een stemrapport van een aantal noten van een diatonische harmonica met twee tongen per noot. Drie tongen per noot is ook mogelijk. Zie eerder in dit hoofdstuk voor uitleg over de kolommen van de tabel.

 


 

24.    Ruisonderdrukking en gevoeligheid

De microfoon meet, naast de te meten noten, vele andere ongewenste geluiden. Dit zijn bijvoorbeeld geluiden als de ventilator van de computer, een voorbij rijdende auto, een dichtslaande deur, een blaffende hond, de wind etc. Al deze geluiden verstoren de metingen en worden daarom door het stemapparaat automatisch onderdrukt.

 

Achtergrondgeluiden

Het stemapparaat meet achtergrondgeluiden en bepaald de toonhoogte en de geluidssterkte ervan. De sterkte van de achtergrondruis wordt in het stemapparaat per noot met een horizontaal groen streepje aangegeven. Langdurende geluiden worden als achtergrondgeluid gezien. Zodra een noot (één van de blauwe balkjes) boven het achtergrondgeluid uitkomt dan kan het stemapparaat deze noot selecteren om gemeten te worden. In het geval van extreem veel achtergrondgeluiden kan in het instellingenscherm (Menu – Settings …) de optie ‘Enh. Noise reduction’ aangezet worden. Achtergrondgeluiden worden dan extra gereduceerd.

 

 

 

Dichtslaande deuren of voetstappen

De lage geluiden die voortgebracht worden door bijvoorbeeld dichtslaande deuren of voetstappen op een houten vloer worden automatisch door het stemapparaat uitgefilterd.

 

50 of 60 Hz brom

De 50 of 60 Hertz brom die vaak voortgebracht wordt door de voeding van de computer wordt grotendeels automatisch door het stemapparaat uitgefilterd. Als er extreem veel van dit soort brom door de microfoon wordt opgevangen kan in het instellingenscherm (Menu – Settings …) een zogenaamd ‘hum filter’ aangezet worden. De tonen in de buurt van 50 of 60 Hertz worden dan sterk gereduceerd.

 

Automatische gevoeligheid

De bij het stemapparaat binnenkomende geluidsterkte van de te meten tong is afhankelijk van de volgende factoren:

1.       De geluidsterkte die de tong produceert.

2.       De afstand van de tong tot de microfoon.

3.       Obstakels tussen de tong en de microfoon.

4.       De gevoeligheid van de microfoon.

5.       De gevoeligheid van de geluidskaart.

6.       De Windows volume-instellingen voor de microfooningang.

 

Om het stemapparaat onder alle omstandigheden te laten werken, wordt het binnenkomende signaal automatisch versterkt tot een standaard niveau.

 

Hogere gevoeligheid in de handmatige selectiemode

In de handmatige selectie mode (zie hoofdstuk 13) let het stemapparaat maar op één noot tegelijk waardoor er minder kans is op storende geluiden. Het stemapparaat wordt in deze mode gevoeliger ingesteld waardoor zachtere geluiden gemeten kunnen worden.

 

25.    De nauwkeurigheid van het stemapparaat

 

De maximale afwijking in Hertz en in Cent

De afwijking van het stemapparaat voor accordeon is beter (minder) dan 0,05 Hertz (golven van langer dan 20 seconden). De nauwkeurigheid in Cent verloopt over het bereik van het stemapparaat omdat een Cent een relatieve eenheid is. Het interval (de breedte) van een noot in Hertz loopt op naarmate de toonhoogte hoger is en de breedte van een noot in Cent is per definitie (altijd) 100. Een paar waarden van de nauwkeurigheid van het stemapparaat in Cent: C1: 2,6 Cent, C2: 1,3 Cent, C3: 0,7 Cent, C4: 0,3 Cent, C5: 0,2 Cent, C6: 0,08 Cent, C7: 0,04 Cent, C8: 0,02 Cent, C9: 0,01 Cent. In Cent gezien is het stemapparaat dus nauwkeuriger naarmate de toonhoogte hoger wordt. Zie hoofdstuk 26 voor uitleg over Hertz en Cent.

 

Hoorbare toonhoogteverschillen

Het kleinst hoorbare toonhoogteverschil is ongeveer 2 Hertz. De nauwkeurigheid van het stemapparaat van 0,05 Hertz is vele malen beter. Deze hoge nauwkeurigheid is nodig om de zwevingen tussen twee tongen te meten. Een verschil in zweving van meer dan ongeveer 0,1 Hertz is al hoorbaar.

 

Nauwkeurigheid van de gemeten zweving

De nauwkeurigheid van de gemeten zweving is beter (minder) dan 0,1 Hertz. De minimaal te meten zweving is ongeveer 0,6 Hertz. De maximaal te meten zweving is beperkt doordat beide tonen zich in het bereik van dezelfde noot moeten bevinden.

 

Automatische kalibratie

Het stemapparaat maakt voor zijn metingen gebruik van de geluidskaart. Om eventuele afwijkingen in de geluidskaart te compenseren voert het stemapparaat een automatische kalibratie uit. Een handmatige kalibratie zoals die vaak op conventionele stemapparaten mogelijk is (met een stelschroefje bijvoorbeeld), is niet nodig. De metingen van het stemapparaat zijn hierdoor altijd nauwkeurig genoeg.

 

De interne nauwkeurigheid

Het stemapparaat geeft de gemeten afwijkingen met 1 of 2 decimalen (cijfers achter de komma) weer. Intern rekent het stemapparaat met 7 decimalen. Vlak voordat een afwijking weergegeven wordt, wordt het afgerond op 1 of 2 decimalen.

 

Invloeden van buitenaf

Naast de nauwkeurigheid van het stemapparaat zelf, moet er rekening gehouden worden met de volgende invloeden van buitenaf:

1.       De toonhoogte van een tong verandert als het accordeon geopend wordt en verandert weer terug als het accordeon weer gesloten wordt.

2.       De toonhoogte van een tong verandert als het tongenblok uit het accordeon gehaald wordt en verandert weer terug als het tongenblok weer teruggezet wordt.

3.       De toonhoogte van een tong gaat omlaag als de balgdruk omhoog gaat. De hoeveelheid zweving tussen twee tongen verandert nagenoeg niet omdat beide tongen evenveel omlaag gaan.


 

26.    Hertz en Cent

Een toon die uit precies één frequentie bestaat ziet eruit als een sinusgolf:

 

 

Hertz

De toonhoogte van een dergelijke toon wordt uitgedrukt in Hertz: het aantal golven (trillingen) per seconde. In het plaatje hierboven zijn twee golven weergegeven.

 

Cent

De noten in de (gelijkzwevende) toonladder lopen op in frequentie. Elke octaaf bestaat uit 12 noten (semitonen) en komt overeen met een verdubbeling in frequentie. De A4 is 440 Hz en de A5 is 880 Hz. Het frequentiebereik (breedte) van een noot is hierdoor groter als de toonhoogte hoger is. De A4 loopt van 428 tot 453 HZ en de A5 loopt van 855 tot 906 Hz. De breedte van een semitoon is per definitie (altijd) 100 Cent.

 

De verhouding tussen Cent en Hertz

De breedte van een toon in Hertz neemt toe naarmate de toonhoogte toeneemt. De breedte van een seminoot in Cent is altijd 100. Het verschil in Cent ∆ tussen twee tonen met frequenties f1 en f2 (in Hertz) kan op de volgende manier berekend worden:

 

∆ = 1200 log2 (f1 / f2)

 

Bij een lineair oplopende verschilfrequentie (f2 – f1 in Hertz) verloopt het verschil in Cent dus logaritmisch.

 

De afwijking van een gemeten toon in Cent

Als het stemapparaat een afwijking van een gemeten toon in Cent weergeeft, dan betekent een afwijking van 0 Cent dat de toon exact goed is. Als de afwijking -50 Cent is dan zit de gemeten toon precies midden tussen de voorgaande semitoon en de gewenste toon. Als de afwijking +50 Cent is dan zit de gemeten toon precies midden tussen de gewenste toon en de opvolgende semitoon.


 

27.    Zweving

Zweving ontstaat wanneer twee tonen met een klein toonhoogteverschil tegelijk gespeeld worden. De golven van beide tonen worden dan bij elkaar opgeteld en beïnvloeden elkaar. Op sommige momenten versterken ze elkaar en op andere momenten verzwakken ze elkaar. In het plaatje hieronder zijn twee tonen (f1 en f2) met een klein frequentieverschil getekend. In de onderste golf zijn beide tonen bij elkaar opgeteld (f1 + f2). De optredende zweving door het afwisselend versterken en verzwakken van het gezamenlijke signaal is duidelijk zichtbaar. De frequentie van de zweving is precies gelijk aan het verschil van de twee tonen (f2 – f1).

 

 

 

 

 

Zweving van octaven

Door twee tegelijk spelende tonen die ongeveer een octaaf uit elkaar liggen kan ook zweving ontstaan. In dat geval is de zweving hoorbaar die ontstaat uit de optelling van het hogere octaaf en de eerste boventoon van het lagere octaaf. Dit zijn weer, net als bij ‘gewone’ zweving, twee frequenties die dicht bij elkaar liggen.

28.    De gelijkzwevende stemming

De stemming of temperatuur (in het Engels: temperament) van een toonladder is de manier waarop de frequenties van de muzieknoten gekozen worden. In de westerse muziek is de gelijkzwevende stemming, ook wel evenredig zwevende temperatuur genoemd, de meest populaire. Andere stemmingen zijn bijvoorbeeld: de reine stemming, de stemming van Pythagoras, de middentoonstemming, de welgetempereerde stemming en de 31-toonstemming.

 

Het octaaf wordt in 12 ‘evenredig oplopende’ afstanden verdeeld, dat wil zeggen de verhouding van de frequenties van twee opeenvolgende semitonen is steeds dezelfde (ongeveer 1,0594631). Hierdoor wijken alle intervallen (secunde, terts, kwart, kwint, sext, septiem), behalve het octaaf, af van de reine stemming. Ze veroorzaken zweving. Alle gelijknamige intervallen klinken evenredig vals (ze zweven), vandaar de naam evenredig zwevende stemming. Voordeel van deze stemming is, dat ze gelijk blijft als op een andere toonsoort (een aantal semitonen hoger of lager) wordt overgegaan, en er dus niet opnieuw gestemd hoeft te worden.

 

Hieronder wordt een overzicht gegeven van de intervallen en de verschillen van de gelijkzwevende en de reine stemming. De reine stemming is de manier om een toonladder te construeren waarbij de verhoudingen uit eenvoudige gehele getallen bestaan. Dit levert muziek op die als zuiver wordt ervaren.

 

Interval

Gelijkzwevend

Cent

Rein

Verschil

Prime

1.000000

0

1/1 = 1.000000

0.00%

Kleine secunde

1.059463

100

16/15 = 1.066667

-0.68%

Grote secunde

1.122462

200

9/8 = 1.125000

-0.23%

Kleine terts

1.189207

300

6/5 = 1.200000

-0.90%

Grote terts

1.259921

400

5/4 = 1.250000

+0.79%

Kwart

1.334840

500

4/3 = 1.333333

+0.11%

Overmatige kwart

1.414214

600

7/5 = 1.400000

+1.02%

Kwint

1.498307

700

3/2 = 1.500000

-0.11%

Kleine sext

1.587401

800

8/5 = 1.600000

-0.79%

Grote sext

1.681793

900

5/3 = 1.666667

+0.91%

Kleine septiem

1.781797

1000

16/9 = 1.777778

+0.23%

Grote septiem

1.887749

1100

15/8 = 1.875000

+0.68%

Octaaf

2.000000

1200

2/1 = 2.000000

0.00%

 


 

29.    Overzicht van de schermen

 

 

1.       Ingangssignaal     -  Het huidige gemeten signaal. Zie hoofdstuk 8.

2.       Equalizer              -  De geluidsterktes van alle noten. Zie hoofdstuk 9.

3.       Nootspectrum       -  Het frequentiespectrum van de gedetecteerde noot. Zie hoofdstuk 11.

4.       Zwevingslijst        -  De naam van de geselecteerde zwevingslijst. Zie hoofdstuk 21.

5.       Nootletter             -  De gedetecteerde noot. Zie hoofdstuk 10.

6.       Tongafwijking       -  Weergave van de afwijking van de tong in getalvorm. Zie hoofdstuk 12.

7.       Zweving               -  Weergave van de zweving in getalvorm. Zie hoofdstuk 12.

8.       Tongafwijkingen    -  Grafische weergave van de afwijkingen van de tongen. Zie hoofdstuk 12.

30.    Overzicht van de knoppen

 

 

-          Hz / Cent    -     Wissel tussen Hertz en Cent voor de zwevingschermen (7). Zie hoofdstuk 7.

-          Record        -     Opnemen van meerdere noten starten, rapportagescherm openen. Zie hoofdstuk 23.

-          Sound         -     De geselecteerde noot afspelen. Zie hoofdstuk 15.

-          Octave        -     De geselecteerde noot een octaaf verhogen of verlagen. Zie hoofdstuk 13.

-          Note           -     De geselecteerde noot een semitoon verhogen of verlagen. Zie hoofdstuk 13.

-          Auto           -     Wissel tussen automatische detectie of handmatige selectie. Zie hoofdstuk 13.

-          +                -     De frequentie van de A4 verhogen. Zie hoofdstuk 17.

-          -                 -     De frequentie van de A4 verlagen. Zie hoofdstuk 17.

-          Menu          -     Het menu met extra functies links bovenin het stemapparaat openen.

-          Octaves      -     Octaven meten. Zie hoofdstuk 19.

-          Chords        -     Akkoorden meten. Zie hoofdstuk 18.

-          Reeds         -     Het aantal te meten tongen instellen. Zie hoofdstuk 7.

-          Freq            -     De drie frequentieschermpjes onderin aan of uit zetten.

-          Trans          -     Transponeren. Zie hoofdstuk 16.

-          Freeze        -     Het stemapparaat bevriezen. Zie hoofdstuk 7.


 

31.    Sneltoetsen en klikken

 

Sneltoetsen op het toetsenbord

-          Pijltje naar links          -  De geselecteerde noot een semitoon verlagen. Zie hoofdstuk 13.

-          Pijltje naar rechts        -  De geselecteerde noot een semitoon verhogen. Zie hoofdstuk 13.

-          Spatiebalk                  -  Het stemapparaat bevriezen. Zie hoofdstuk 7.

-          Enter                         -  Een noot opnemen die (nog) niet gelockt is. Zie hoofdstuk 23.

-          Backspace                 -  De laatst opgenomen noot verwijderen. Zie hoofdstuk 23.

 

Klikken op schermen

1.       Klik op het ingangssignaalscherm om het instellingenscherm te openen. Zie hoofdstuk 20.

2.       Klik op een kolom in de equalizer om een noot te selecteren in handmatige selectiemode. Zie hoofdstuk 13.

3.       Klik op het scherm met de naam van de zwevingslijst om het scherm te openen waarin de zwevingslijsten aangemaakt, geladen en aangepast kunnen worden. Zie hoofdstuk 21.

 


 

32.    Frequentietabel van de noten

De tabel op de volgende pagina’s geeft een overzicht van de frequenties van de noten die door het stemapparaat voor accordeon worden ondersteund. Dit zijn de noten uit de gelijkzwevende toonladder.

 

De tabel bestaat uit de volgende kolommen:

Semitone number     -  Rangnummer van de semitoon

Note name              -  De naam van de noot

Note octave            -  Het octaaf van de noot

Note frequency        -  De frequentie van de noot uit de toonladder in Hertz.

Note width              -  De breedte van de noot in Hertz.

Accuracy                -  De nauwkeurigheid van het stemapparaat voor deze noot in Cent.

 

Semitone number

Note name

Note octave

Note frequency (Hz)

Note width (Hz)

Accuracy (Cent)

4

E

0

20,6017223

1,1906640

4,1993

5

F

0

21,8267645

1,2614646

3,9636

6

F#

0

23,1246514

1,3364751

3,7412

7

G

0

24,4997147

1,4159461

3,5312

8

G#

0

25,9565436

1,5001426

3,3330

9

A

0

27,5000000

1,5893457

3,1459

10

A#

0

29,1352351

1,6838532

2,9694

11

B

0

30,8677063

1,7839803

2,8027

12

C

1

32,7031957

1,8900613

2,6454

13

C#

1

34,6478289

2,0024502

2,4969

14

D

1

36,7080960

2,1215220

2,3568

15

D#

1

38,8908730

2,2476743

2,2245

16

E

1

41,2034446

2,3813280

2,0997

17

F

1

43,6535289

2,5229291

1,9818

18

F#

1

46,2493028

2,6729503

1,8706

19

G

1

48,9994295

2,8318922

1,7656

20

G#

1

51,9130872

3,0002853

1,6665

21

A

1

55,0000000

3,1786915

1,5730

22

A#

1

58,2704702

3,3677063

1,4847

23

B

1

61,7354127

3,5679606

1,4014

24

C

2

65,4063913

3,7801225

1,3227

25

C#

2

69,2956577

4,0049003

1,2485

26

D

2

73,4161920

4,2430441

1,1784

27

D#

2

77,7817459

4,4953486

1,1123

28

E

2

82,4068892

4,7626560

1,0498

29

F

2

87,3070579

5,0458582

0,9909

30

F#

2

92,4986057

5,3459006

0,9353

31

G

2

97,9988590

5,6637844

0,8828

32

G#

2

103,8261744

6,0005705

0,8333

33

A

2

110,0000000

6,3573830

0,7865

34

A#

2

116,5409404

6,7354127

0,7423

35

B

2

123,4708253

7,1359211

0,7007

36

C

3

130,8127827

7,5602451

0,6614

37

C#

3

138,5913155

8,0098007

0,6242

38

D

3

146,8323840

8,4860882

0,5892


 

Semitone number

Note name

Note octave

Note frequency (Hz)

Note width (Hz)

Accuracy (Cent)

39

D#

3

155,5634919

8,9906972

0,5561

40

E

3

164,8137785

9,5253119

0,5249

41

F

3

174,6141157

10,0917164

0,4955

42

F#

3

184,9972114

10,6918011

0,4676

43

G

3

195,9977180

11,3275687

0,4414

44

G#

3

207,6523488

12,0011410

0,4166

45

A

3

220,0000000

12,7147660

0,3932

46

A#

3

233,0818808

13,4708253

0,3712

47

B

3

246,9416506

14,2718423

0,3503

48

C

4

261,6255653

15,1204902

0,3307

49

C#

4

277,1826310

16,0196013

0,3121

50

D

4

293,6647679

16,9721764

0,2946

51

D#

4

311,1269837

17,9813945

0,2781

52

E

4

329,6275569

19,0506239

0,2625

53

F

4

349,2282314

20,1834329

0,2477

54

F#

4

369,9944227

21,3836023

0,2338

55

G

4

391,9954360

22,6551374

0,2207

56

G#

4

415,3046976

24,0022820

0,2083

57

A

4

440,0000000

25,4295320

0,1966

58

A#

4

466,1637615

26,9416506

0,1856

59

B

4

493,8833013

28,5436845

0,1752

60

C

5

523,2511306

30,2409803

0,1653

61

C#

5

554,3652620

32,0392026

0,1561

62

D

5

587,3295358

33,9443527

0,1473

63

D#

5

622,2539674

35,9627890

0,1390

64

E

5

659,2551138

38,1012477

0,1312

65

F

5

698,4564629

40,3668658

0,1239

66

F#

5

739,9888454

42,7672045

0,1169

67

G

5

783,9908720

45,3102749

0,1104

68

G#

5

830,6093952

48,0045640

0,1042

69

A

5

880,0000000

50,8590639

0,0983

70

A#

5

932,3275230

53,8833013

0,0928

71

B

5

987,7666025

57,0873691

0,0876

72

C

6

1046,5022612

60,4819607

0,0827

73

C#

6

1108,7305239

64,0784052

0,0780

74

D

6

1174,6590717

67,8887055

0,0736

75

D#

6

1244,5079349

71,9255780

0,0695

76

E

6

1318,5102277

76,2024954

0,0656

77

F

6

1396,9129257

80,7337316

0,0619

78

F#

6

1479,9776908

85,5344091

0,0585

79

G

6

1567,9817439

90,6205497

0,0552

80

G#

6

1661,2187903

96,0091280

0,0521

81

A

6

1760,0000000

101,7181279

0,0492

82

A#

6

1864,6550461

107,7666025

0,0464

83

B

6

1975,5332050

114,1747382

0,0438

84

C

7

2093,0045224

120,9639214

0,0413

85

C#

7

2217,4610478

128,1568105

0,0390

86

D

7

2349,3181433

135,7774110

0,0368

87

D#

7

2489,0158698

143,8511560

0,0348


 

Semitone number

Note name

Note octave

Note frequency (Hz)

Note width (Hz)

Accuracy (Cent)

88

E

7

2637,0204553

152,4049908

0,0328

89

F

7

2793,8258515

161,4674632

0,0310

90

F#

7

2959,9553817

171,0688182

0,0292

91

G

7

3135,9634879

181,2410995

0,0276

92

G#

7

3322,4375806

192,0182561

0,0260

93

A

7

3520,0000000

203,4362558

0,0246

94

A#

7

3729,3100921

215,5332050

0,0232

95

B

7

3951,0664100

228,3494763

0,0219

96

C

8

4186,0090448

241,9278428

0,0207

97

C#

8

4434,9220956

256,3136209

0,0195

98

D

8

4698,6362867

271,5548220

0,0184

99

D#

8

4978,0317396

287,7023120

0,0174

100

E

8

5274,0409106

304,8099817

0,0164

101

F

8

5587,6517029

322,9349264

0,0155

102

F#

8

5919,9107634

342,1376364

0,0146

103

G

8

6271,9269757

362,4821989

0,0138

104

G#

8

6644,8751613

384,0365121

0,0130

105

A

8

7040,0000000

406,8725115

0,0123

106

A#

8

7458,6201843

431,0664100

0,0116

107

B

8

7902,1328201

456,6989527

0,0109

108

C

9

8372,0180896

483,8556856

0,0103


 

33.    Systeemeisen.

Het stemapparaat draait optimaal op machines vanaf de Pentium II, 1 GHz. Op minder snelle machines werkt het stemapparaat ook goed, maar zal langzamer reageren. Het stemapparaat draait onder Windows 2000, XP, Vista en 7 en maakt gebruik van een microfooningang. Zie hoofdstuk 5.

 



Disclaimer E-Mail  Contact opnemen met Dirk's Projects  E-Mail Site map